Laos & Cambodja 2009


      Laos, Cambodia & Thailand 2009

 

Woensdag 21 januari

Het is onze eerste verlofdag en we mogen al direct om 05:00u uit de koffer. We hebben een afspraak met onze vriend Ronny die ons komt ophalen en naar het station in Oostende brengt.

We hebben plaats zat op de trein 6:45u tot in Brugge. Daarna tsjokvol met mensen die gaan werken en jaloerse blikken werpen op onze outfit en bagage. Toeristen !

We kunnen vlot naar de luchthaven en ook het inchecken en de controles verlopen bijzonder vlot.

We vliegen voor het eerst met Etihad Airways in een Airbus 330. We vertrekken stipt op tijd naar Abu Dhabi en krijgen aan boord een vlotte service. We hebben niet veel beenruimte.

Eens op de luchthaven van Abu Dhabi hebben we weinig tijd en moeten ons haasten om weeral een controle (waarom ?) te doorlopen. Die Arabkes lijken een bende vieze smeerlapkes.

 

Donderdag 22 januari

De volgende vlucht naar Bangkok gaat met een Boeing 777. Ditmaal zitten we wel in de Coral klasse en hebben iets meer ruimte. Vóór Kaats zit een ambetant wijf die persé de hele trip haar zetel zo ver mogelijk naar achter plooit.

Net voor de landing laat de piloot weten dat we wegens de mist niet kunnen landen in Bangkok en zullen doorvliegen naar Phuket. Uurtje vliegen, drie uren op de tarmac wachten op beter weer boven de hoofdstad, opnieuw uurtje vliegen en tegen de middag zijn we ter bestemming.

De nieuwe luchthaven Suvarnabhumi is een indrukwekkend bouwsel en gigantisch groot. Controles en bagageafhandeling gebeuren zéér vlot.

We halen wat badders (Thai bath) af en halen ons een map van Bangkok. Daar de Skytrain jammer genoeg nog niet operationeel is besluiten we eens geen taxi te nemen maar de bus. We besparen meteen 700 badders waarvoor we een heerlijk massageke kunnen betalen.

In Nana Hotel duiken we meteen het zwembad in om wat te bekomen van de reis. Het weer is er heerlijk warm. We gaan 's avonds naar de tailor om wat hemden te bestellen. Bij Mike Baron op Sukumvit Road bestel ik 1 hemd om morgen te gaan passen. In een boothery laat ik laarzen en schoenen wegleggen die we op het einde van de reis zullen komen afhalen.

We gaan eten bij de Maurice aan Asok station maar deze keer blijkt het geen meevaller. Kaats haar eten is koud en het smaakt niet.

We genieten nog na met een heerlijke twee uurs massage en een cocktail in het hotel voor we gaan slapen.

Vrijdag 23 januari


We genieten van een lekker en vroeg ontbijt. We kozen voor Nana hotel omwille van de centrale ligging, de nabijheid van de Sky train, metro, shopping centra en bezienswaardigheden. Maar natuurlijk ook omdat het hotel luxe kamers biedt voor maar 25€ incluus een heerlijk en gigantisch ontbijtbuffet. Een klein nadeel is dat het midden van de hoerenbuurt en uitgangscenter Nana Plaza ligt, maar voor sommigen hoeft dit geen nadeel te zijn hé ?

We zoeken het Silom shopping center op maar dat blijkt genen vetten te zijn. Het Lumpinipark daarentegen is wel heel tof. Prachtige plantsoenen, heel veel sporters en dansers maar ook reuzehagedissen die hun prooien verslinden zodat je jezelf een beetjes in Jurassic park waant.

In een openlucht Body Builders club werden die gasten onmiddelijk door Kaats gekeurd op de stevigheid van de borstspieren. Na enkele uren slenteren in Lumpini gaan we naar Siam. Het Paragon center blijkt andere koek dan Silom. We hadden ook graag Siam Ocean World bezocht maar wegens te lang in Lumpini park en het feit dat ik om 17:00u terug bij de tailor moet zijn doet ons besluiten dit grootste zeewater aquarium van Zuid-Oost Azië te bezoeken bij de terugreis. We eten in Siam nog een heerlijke maaltijdsoep.

Bij den Baron blijkt het hemd ok en ik bestel er 14, nog twee om op een kostuum te dragen en een zwarte blazer. We halen nog een drankje voor we naar het hotel gaan en de bagage ophalen.

Vanuit Asok met de metro naar het Hualomphong railway station voor de nachttrein naar Ubon. We nemen daar nog een pastaschotel en wat proviand voor de treinreis. We vertrekken met de gebruikelijke vertraging (45' dit keer) en de treinbegeleiders zijn wat blij dat ik help om de deuren dit te schuiven. Op een paar muggen en kakkerlakken na zitten we goed.

De treinconducteur laat ons weten dat hij in Ubon Ratchathani een taxichauffeur als vriend heeft. Hij zou ons makkelijk van Ubon naar de grens (Chongmek) brengen.

De ticketcontroleur wordt door Kaats van het kastje naar de muur gezonden maar na enig zoekwerk blijkt zij toch de tickets bij te hebben. Deze tickets werden van thuis uit per mail besteld en betaald en lagen ter beschikking aan de frontdesk in het hotel.

Onze bedden worden opgemaakt en om 23:00u trekken we de gordijnen dicht en proberen te maffen.

Zaterdag 24 januari

Na een voor mezelf rustige nacht maakt Kaats me wakker om 07:00u. Wegens dromen van de beesten is haar nacht iets minder rustig. In Ubon staat de vriend taxidriver reeds te wachten. We komen snel overeen om ons voor 1200 badders naar het 90 km verderop gelegen Chong Mek te voeren. Dit is de grenspost met Laos waar we ten afscheid nog een koffie gaan drinken met de chauffeur. De grensformaliteiten gaan bijzonder vlot aan weerszijden van de grens, zij het dat we aan Laotiaanse kant elk 1$ extra moeten betalen omdat het zaterdag is en dan overwerk wordt gerekend. (blijkt dat zij echter alle dagen overwerl rekenen !!).

Een jonge gast bied ons de rit naar het 40 km. verderop gelegen Paksé aan voor 100 luttele badders. We komen terecht in een minibusje die tsjokvol studentjes zit. We delen wat snoep uit en al gauw wordt in het busje gesmekt van jewelste.

In Paksé wordt het busje bestormd door tukkers die ons overal heen willen brengen. We gaan eerst een resto binnen om iets te eten en drinken. Al rap krijgen we gezelschap die komt onderhandelen over de ritprijs naar Tad Fane. De bodemprijs lijkt 20$ te zijn. Ondertussen gaan ook de eerste drie knuffels van de hand.

Onderweg blijkt dat onze tukker geen vergunning heeft om toeristen te vervoeren en moet hij 6$ boete betalen bij een politiecontrole. Hij komt ons het geld vragen, wat wij hem geven. Op onze bestemming betalen we de resterende 14$ en het janken staat de tukker nader dan het lachen.

Onze bungalow blijkt een stevig bouwsel, netjes en met terras en badkamer. Vlug uitpakken en ons laten onderdompelen in de prachtige natuur en dito watervallen.

Aan de receptie krijgen we de mogelijke uitstappen voor morgen aangeboden. 's Morgens ga ik alleen wegens de moeilijkheidsgraad van het terrein. Na de middag kunnen we samen een makkelijker parcours afleggen. Totaalprijs 15$.

Overmorgen kunnen we met een chauffeur een tocht maken over het boloven plateau en Tad Lo.

Het eten is naar gewoonte heel lekker en om 20:00u liggen we al onder de wol.

Zaterdag 24 januari

Na een voor mezelf rustige nacht maakt Kaats me wakker om 07:00u. Wegens dromen van de beesten is haar nacht iets minder rustig. In Ubon staat de vriend taxidriver reeds te wachten. We komen snel overeen om ons voor 1200 badders naar het 90 km verderop gelegen Chong Mek te voeren. Dit is de grenspost met Laos waar we ten afscheid nog een koffie gaan drinken met de chauffeur. De grensformaliteiten gaan bijzonder vlot aan weerszijden van de grens, zij het dat we aan Laotiaanse kant elk 1$ extra moeten betalen omdat het zaterdag is en dan overwerk wordt gerekend. (blijkt dat zij echter alle dagen overwerl rekenen !!).

Een jonge gast bied ons de rit naar het 40 km. verderop gelegen Paksé aan voor 100 luttele badders. We komen terecht in een minibusje die tsjokvol studentjes zit. We delen wat snoep uit en al gauw wordt in het busje gesmekt van jewelste.

In Paksé wordt het busje bestormd door tukkers die ons overal heen willen brengen. We gaan eerst een resto binnen om iets te eten en drinken. Al rap krijgen we gezelschap die komt onderhandelen over de ritprijs naar Tad Fane. De bodemprijs lijkt 20$ te zijn. Ondertussen gaan ook de eerste drie knuffels van de hand.

Onderweg blijkt dat onze tukker geen vergunning heeft om toeristen te vervoeren en moet hij 6$ boete betalen bij een politiecontrole. Hij komt ons het geld vragen, wat wij hem geven. Op onze bestemming betalen we de resterende 14$ en het janken staat de tukker nader dan het lachen.

Onze bungalow blijkt een stevig bouwsel, netjes en met terras en badkamer. Vlug uitpakken en ons laten onderdompelen in de prachtige natuur en dito watervallen.

Aan de receptie krijgen we de mogelijke uitstappen voor morgen aangeboden. 's Morgens ga ik alleen wegens de moeilijkheidsgraad van het terrein. Na de middag kunnen we samen een makkelijker parcours afleggen. Totaalprijs 15$.

Overmorgen kunnen we met een chauffeur een tocht maken over het boloven plateau en Tad Lo.

Het eten is naar gewoonte heel lekker en om 20:00u liggen we al onder de wol.

Maandag 26 januari

't Is nieuwjaar vandaag !! Euh.. jaja maar dan Chinese nieuwjaar !

Gelukkig hadden we de wekker gezet anders hadden we ons verslapen op nieuwjaarsdag. Het is nog frisjes maar de zon geeft al van jetje en het beloofd een toffe dag te zullen worden. Na het ontbijt maken we kennis met chauffeur Mister Ko die ons staat op te wachten.

We slaan effe een watervalletje over en rijden direct richting Paksong. Het eerste wat we zien is een local market aan de rand van een voetbalveld waar geen sprietje grad te bespeuren valt. Het marktje biedt voedsel en huishoud gerief voor de locals maar wij hebben er weinig aan.

Het zonnetje begint nu echt warmte geven en het is heerlijk in de kofferruimte van het pick-upje tot we aan een dust-road beginnen. Mister Ko spant enkele lakens over het ijzeren geraamte welke het meeste stof buiten houd. We stoppen bij een plaatselijke koffieboer. Daar zien we waarachtig een machien die de gedroogde koffiebonen van het bolster ontdoet. Het resultaat zijn ... witte bonen die nog een week worden gedroogt in de zon vooraleer naar een branderij te gaan. De kids die de tractortjes besturen zijn niet ouder dan 10 en hebben uiteraard de time of their life !

Alle bewoners zijn erg vriendelijk. Het zijn Laven, vandaar het boLAVENplateau.

Het volgende dorpje zijn KATU. Onder hun paalwoningen zien we hun doodskisten staan die deze mensen maken voor henzelf ! De meeste zijn stukken boom die worden uitgehold. In het dorp zijn enkel vrouwen en een massa kinderen te zien, geen mannen. Die werken op het land of zijn gaan jagen.

Na zo'n 16 km komen we terug op de verharde weg richting Tad Lo. Ondanks de negatieve kritieken die wij lazen over dit plaatsje (tjsokvol toeriesten ?) blijkt het een zeer aangename plaats om toeven. Het is wel iets groter dan Tad Fane. Er zijn de overmijdelijke watervallen waar de plaatselijke kids hun hartje ophalen op nieuwjaarsdag. Het blijkt dat er de hele week geen school is wegen de Chinese newyear. Tijden een heerlijke lunch op het terras kunnen we de capriolen en stoerdoenerij van de kinderen aanschouwen. We hebben er een heerlijke tijd. We maken nog een wandelingetje in de omgeving en enkele knuffels verhuizen van eigenaar. Mensen van Chinese oorsprong hebben allemaal hun beste kostuum uit kast gehaald.

In het volgende dorp blijkt het toerisme te hebben toegeslagen. Op grote borden worden we welkom gegeten en direct bij de wevers van dienst gebracht. Stel je nieks voor hoor want het zijn allemaal kinderen die de weefgetouwen hanteren. Met een snoep zijn ze zot kontent, maar ze blijken ook gek van onze stylo's en de camera. We worden uitgewuifd door een wild jong volkje.

De laatste stop is ... een watervalletje, maar dan wel een heel mooie. Na de gebruikelijke foto's en meters film rijden we terug naar ons verblijf in Tad Fane. We maken een deal met Mister Ko om ons morgen naar Champasak te brengen. Voor 500.000 kippen (10.000 kip = 1$)

brengt hij ons naar Bangmuang, de ferry naar Champasak en verder naar de Wat Phou. Hij kan ons ook naar een goede guesthouse brengen.

We hadden een heerlijke dag en verwachten voor morgen niets minder. Na de gebruikelijke douche en maaltijd vallen we als een blok in slaap.

Dinsdag 27 januari

Na het laatste ontbijt in Tad Fane komt Nouxay (receptionist en gisteren onze gids) ons nog het beste toewensen voor de verdere trip en hij staat erop onze bagage te dragen tot aan de auto. Mister Ko is stipt op tijd en dat zijn we niet gewoon in Azië. In Pakseé nog effe stoppe om een hoop kiekens (lees kip !) af te halen aan een Always Take Money machine.

Het is nog maar 10:00u en we zitten al op de ferry (nou ja) over de Mekong op weg naar Champasak. Een half uurtje later stop Mr Ko aan het Sala Anouxa guesthouse. Het blijken 5 maanden nieuwe bungalows te zijn met alles erop en eraan. Prijs: 15$ ! Kun je moeilijk voor op de grond gaan liggen hé ?

We vertrekken direct naar de What Phou die een tempelruïne blijkt te zijn. Het is prachtig gelegen en na heel wat klauterwerk heb je een schitterend zicht op de omgeving. We kuieren er een tweetal uurtjes rond. mr Ko is zéér blij ons te zien want hij bleef al die tijd op ons wachten terwijl de zon brandend heet op de aarde schijnt. We nodigen Mr Ko uit om samen nog een biertje te drinken. Hij vindt dit reuze en stelt daarom voor dat hij ons vervoer regelt om morgen naar de Siphandon eilanden te reizen. Siphandon = 4000 eilanden. Op deze plaats is de Mekong 15 km breed en is uiteraard bezaaid met eilanden waarvan er slechts drie bewoond zijn.

Mr Ko neemt afscheid en wij verorberen nog een noedelsoep en mangosalad voor we het dorp gaan verkennen. Daar alle kiekens op zijn gegaan aan de vervoerskosten voor vandaag en morgen zoeken en vinden we een bank waar we 50€ kunnen wisselen. Niet ver daarvandaan kunnen we internetten. We telefoneren ook voor het eerst naar het thuisfront. Tijdens het mailen nuttigen we een heerlijke fruitshake en de dochter des huizes is een gelukkige pagadder als we één van de knuffels bij haar achterlaten.

Het is ondertussen minder heet geworden (lees zo'n 30°C) en we gaan terug naar het verblijf om de beenstukken aan de broeken te ritsen (om de muggen geen kans te geven) en weeral iets te drinken. Langs de Mekong vinden we een gezellige plaats om te dineren. Zéér lekker en leuk tot een stelletje Hollanders iets verderop plaats nemen. Het water die overal gratis ter beschikking staat als welkom wordt door hen aangelengd met whisky (zelf meegebracht of wat dacht u ?). Meer dan een uur zitten ze door te drammen over geld en hoe duur alles in feite wel is. Wij krijgen buikkrampen (en niet van het eten) en laten het stelletje geitenneukers achter om bij onze guesthouse nog een slaapmutsje te nuttigen. Het is er fijn op het terrasje die door alle bungalowgasten zéér in trek blijkt te zijn. Als we willen gaan slapen merken we dat we onszelf hebben buiten gesloten. Het bleek de hordeur te zijn die bij het dichtklappen de deur op slot zette. Oja, we gaan pas slapen om 21:30u !

Woensdag 28 januari

We hebben met de eigenaar van het Sala Anouxa afgesproken dat hij ons met zijn boot naar de overzijde van de Mekong zou brengen. We zitten nog rustig te ontbijten als een stelletje Nippen er met onze boot vandoor gaan. De eigenaar gebaart dat we alle tijd hebben en ons niet druk hoeven te maken (doen zij ten andere NOOIT). We dienen een dik half uur te wachten tot de boot terug is en daardoor komen we een kwartier te laat op de afspraak voor de bus. Maar Laos zou Laos niet zijn als de bus geen vertraging zou hebben. Tegen negenen stopt een mini van en de chauffeur een A4 tje met onze namen op (hebben we voor mister Ko opgeschreven). Goed geregeld dus van de Ko. Op weg naar de Siphandon zien we aan de overzijde van de baan mister Ko nog een paar toeristen inlaaien om naar god weet welke bestemming te brengen.

De rit verloopt probleemloos en tegen de middag zitten we opnieuw te boot over de Mekong. Je zou haast gaan denken dat die Lao express de dorpen aan de ene zijde van de rivier leggen en de wegen aan de andere zijde. Kwestie van de tewerkstelling en het binnenrijven van kiekens.

Iets na elven zijnwe op Don Kong en op wandelafstand van de pier vinden we het guesthouse van mister Pons. Hij heeft nette kamers vrij en voor 10$ per nacht raken we van straat.

Na het uitpakken gaan we lunchen en de sprinrolls blijken hier superrrrlekkerrrr ! We huren voor

1$ een fiets en gaan in de namiddag het eiland verkennen. Gelukkig hebben we een hoed en een waterfles mee want de zon geeft buzze. We ontmoeten dol enthousiaste kids (enkele snoepen en stylo's verhuizen van eigenaar) rijden langs immens groene rijstvelden, buffels, eenden en een landschap van ongekende schoonheid. Het platte land in Laos ten voeten uit. Slechts bij mondjesmaat ontmoet je hier een toerist. Wat we wel ontmoeten is een kleine beer die bij een gezin de rol van huisdier moet vervullen !! We zien ook vissers hun bootje kalefateren op een manier zoals dat bij ons over 100 jaar gebeurde.

Tegen valavond zijn we terug bij Pons en genieten van enkele Lao beers om de verzengende hitte weg te spoelen. We kijken naar spelende kinderen die met een stelletje buffels een bad nemen in de Mekong. We zien een varkenstransport per brommer voorbij tuffen.

Wij zijn ondertussen molletjeszwart en gaan douchen wat verschrikkelijk deugd doet. Onze huid begint een Laotiaans tintje te krijgen. Op het terras bij Pons eet ik een gebakken vis met look, groenten en rijst. Kaats laat zich verleiden door een pepersteak met frieten ??? Gekke toeristen toch ? We overgieten de hele zooi met beer Lao en slapen als een blok de nacht door.

Donderdag 29 januari

Het klinkt afgezaagd maar weer vroeg opstaan. We hebben bij Pon een trip geboekt om per boot de omgeving en de andere bewoonde eilande te gaan verkennen. Voor 20$ zitten we weer de hele dag lekker. Pon regelde een brommer met chauffeur om mij naar de bank te brengen. Morgen vertrekken we naar de Cambodiaanse grens en we kopen er onze laatste kiekens. We geven ook voor het eerst de was binnen (bij Pon natuurlijk) die ook een gescheurde broek van mij zal (laten) herstellen. We hebben een dik half uur varen voor de boeg. Medereisgenoten zijn een koppel Fransozen en een gepensioneerde man die rustig zijn dagen slijt in de omgeving en enige tijd op Don Det wil verblijven. Om 10:00u zijn we op Don Kone en de schipper geeft ons vrij tot 14:00u om de omgeving te verkennen. We zien een oude spoorwegbrug, gebouwd door de fransen en nu gebruikt als verbindingsweg tussen de eilanden Det en Kone. De schitterende omgeving en de dito watervallen meken dat we een paradijs gevonden hebben. Hier zouden we (veel) langer kunnen toeven. We bekijken de watervallen, kuieren rond eten een broodje en genieten vooral van de omgeving. Terug op de boot laat de schipper weten ons naar de Pa Pheng watervallen te brengen. Dit zou de Niagara van Zuid-Oost Azië zijn. Het blijkt inderdaad enig mooi te zijn maar om van Niagara te klappen moet dat ding nog wel wa boterhammekes eten.

Vandaar gaan we verder per auto. Na een half uurtje rijden stappen we terug de boot in met de bedoeling om de Ayarawaddi dolfijnen te gaan kijken. Om een lang verhaal kort te maken hebben we van deze dolfijnen maar een verre glimp kunnen opvangen, maar wat wil je met een boot waarvan de motor een lawaai maakt als 10 straaljagers ?

Met het busje rijden we terug naar Don Kong. Aan de oever waar wachten op de overzet laat een stelletje spelende kinderen ons bij zonsondergang hun kunsten bewonderen.

Na een opnieuw heerlijke diner gaan we bij de buren een massageke bestellen. Het blijkt om een uiterst professionele en deugdoende massage te gaan.

Ondertussen veel vakes gekregen en dokes gaan doene.

Vrijdag 30 januari

Vandaag verlaten we Laos en trekken Cambodia binnen. Wegens pech aan de bus kunnen we met een reservebus een half uur later dan voorzien vertrekken. We nemen de wachttijd te baat om te internetten en nieuwsgierig ga ik naar de site van Terres Rouge, the place to be in Banlung. Het busje dropt ons letterlijk aan de Lao border. De grensformaliteiten gaan vlot en ondanks geen overwerk moeten we toch 1$ betalen. Ne slimmen Canadees wil met 100$ betalen en uiteraard kan niet worden terug gegeven. Hilariteit tot de grenswachter besluit het paspoort in beslag te nemen. Plots tovert hij een dollarbiljet te voorschijn, maar hij mag achteraan de rij gaan staan. Een hele heisa en een uur wachten tot we eindelijk een busje hebben naar Stung Treng. We kopen ook een ticket naar Banlung maar zeggen te zullen betalen in ST wegens nog afhalen van dollars aan een ATM.

In ST moeten we drie uren wachten op de bus naar Banlung. We gaan de stad in (nou ja) en vinden een internetcafe waar we de bevestiging krijgen dat er in Terres Rouge een kamer vrij is. Na het ATM'en gaan we terug naar de busstop waar twee Amerikanen op onze bagage passen. Ondertussen zijn de Cambodias hun geld voor de vierendertigste keer aan het tellen maar het klopt niet. Nog eens bij iedereen de tickets gevraagd. Daarna worden we in een busje gestouwd na nog eens de tickets te tonen. Na nog geen 10 kilometer wisselen van bus. Ditmaal een groter exemplaar maar met vodden moeten de gaten in de planché gedicht worden om het stof buiten te houden. Na een paar kilometers begint wat Kaats de highway to hell noemt. Een weg vol putten, stof uiteraard, gammele bruggetjes, overstekende koeien en meer van dat fraais. We zien de locals stukken woud in brand steken om de grond te kunnen bewerken en daardoor zit Kaats met de poepers. Ik kan vooraan in de bus een aardig stukje filmen.

In Banlung aangekomen zitten we precies in de Far West. De Amerikanen gaan op zoek naar een taxi, maar gelukkig zijn de paarden vervangen door brommers. Met alles en allen te brommer dus.

We lijken eerder in de hemel dan in de hel terecht te komen want Terres Rouge blijkt een paradijs te zijn in deze godvergeten uithoek van Cambodia. Een prachtige koloniale villa met schitterende tuin en dito zwembad. De kamer (40$) is poepsjiek maar de badkamer iets verder op de gang. We genieten de eerste avond van een amok met vis, fruitsalade en beignets van banaan. Morgen gaan we dorpen waar Katu en Jarai leven, bezoeken. We boeken ook een extra nacht omdat we een dagje aan het zwembad willen zonnen en nieksen.

Zaterdag 31 januari

De gids (Lina) met de jeep staat ons reeds vroeg op te wachten. We rijden op de ondertussen vertrouwde dustroads en komen zo bij een rubberplantage. De bomen worden ingekerfd en het sap wordt druppelsgewijs opgevangen in kokosnoten. Dagelijks moeten de noten leeggemaakt worden. Het sap is wit en stijf als een gummibal.

Volgende stop is aan een soort lavaveld waar we de jeep achterlaten en te voet de bush intrekken. Na een half uurtje komen we bij een boerderij. De vrouw des huizes en haar 4 kinderen zijn net aan het eten. De man blijkt gaan jagen te zijn. Er staan enkele schuurtjes met rijst. Verder veel honden (om op te eten) varkensd en kippen. Ook de steeds wederkerende kruiken met zelfgebrouwen rijstwijn zijn aanwezig. We mogen niet filmen, maar ... ge kent ons hé ?

Vandaar vertrekken we naar een Jarai dorp. De vrijgezellen, meisjes en jongens leven vanaf hun 15de jaar afzonderlijk in zéér hoge hutten en dit tot het huwelijk. Daarna wonen ze 3 jaar bij het ouderlijke gezin van de jongen en dan nog eens 3 jaren bij dat van het meisje. Soms hebben de meisjes reeds kinderen op hun 15° wat risico's inhoud voor hun gezondheid.

In het volgende dorp is een feest aan de gang van een koppel die zijn 2x3 jaar vagevuur achter de rug hebben. Ik vraag of we een kijkje kunnen nemen. Kan zegt Lina maar dan moet je wel meedrinken op het geluk van dit koppel. We bedanken feestelijk voor het risico.

In de gemeenschapshut zijn 2 mannen bezig met rijstwijn (maken en/of drinken is niet heel duidelijk). Een vrouw komt binnen met rijst en een gekookte kip. De kip werd geofferd omdat blijkbaar een kind in het dorp ziek is. We zien de dorpelingen zich wassen rond een boorput die door NGO's is aangelegd.

Bij de Katu zijn de vrouwen aan het weven, roddelen en sigaren roken. Er lopen massa's kinderen maar geen mannen (allen op jacht, maar waarop ?). We maken een praatje via de gids en kopen er een tafelloper voor 10$. Madammeke haar maand kan niet meer stuk.

We rijden naar een kratermaar waar blijkbaar veel locals het weekend doorbrengen. We worden getracteerd op bier, filmen hun danspasjes en geven een ukje een nieuwe knuffelbeer. Iedereen gelukkig en tevree.

Na een mooie dag worden we terug gebracht naar Terres rouge. We zien eruit als twee bestofte locals en gaan douchen. Het eten is weer schitterend en ook de mojito mocht er zijn.

Zondag 1 februari

Voor het eerst deze reis moeten we geen wekker zetten maar zijn even goed om 7:30u wakker. We gaan héél op ons gemak ontbijten. Daarna internetten en mailen naar The Villa in Siem Reap waar we een kamer willen boeken omwille dat de guesthouse redelijk nieuw is en zij toffe uitstappen aanbieden.

Aan het zwembad zijn wij de enige gegadigden. Zonnen en zwemmen en zonnen en zwemmen. Tegen de middag is het echter te heet en slenteren naar het restaurant. In de tuin is men foto's aan het nemen van een... bruidskoppel. Ik doe de fotograaf concurentie aan en beloof de foto's door te mailen. We nemen een lichte lunch en zoeken daarna de schaduw op rond het zwembad.

Tegen de avond maken we een wandeling rond het meer en eten bij de locals WULLOKS ! Een pot wulloks met chilisaus voor 0,25€.

In het hotel vernemen we via mail dat de kamer in Siem Reap geboekt is tegen 30$. Inbegrepen het ontbijt en afhalen aan de boot. Zoals naar goede gewoonte sluiten we de dag af met een lekker stukje eten.

Maandag 2 februari

Reeds rond 6:00u staat de chauffeur klaar om ons naar het busstation te brengen. We kopen ons daar een paar belegde broodjes en vertrekken op Cambodiaans uur. De chauffeur is er nogal een wilden en met de naald rond de 100 scheurt hij over de highway to hell. We zitten vooraan en hebben een fantastisch zicht. Als je kijkt in de buitenspiegel van de bus, zie je alles letterlijk in het stof verdwijnen. Wanneer we de dustroad verlaten maken we halt. De chauffeur moet de luchtfilter uitblazen en nog wat onderhoud voorzien. We kopen een tros bananen. Ik krijg stilaan goesting om door te rijden naar Phnom Phen ipv Kratie. We rijden door een eng trieste streek die kwa landschap niet veel te bieden heeft.

Als we aankomen in Kratie blijkt het inderdaad niet veel soeps en vragen om door te reizen naar P.P. Eerst wordt 10$ gevraagd voor de verlenging, maar als ik eens uit mijn sloffen schiet kan het plots voor de helft. We moeten dus de hele dag bussen maar kunnen wel in onze luxe positie blijven zitten. Af en toe zijn er stops om eten en drinken te kopen en van het sanitair (nou ja...) gebruik te maken. We merken dat Cambodja nog steeds een verloederd land is, alle afval langs de kant van de weg gesmeten, vuil en vooral iedere toerist het vel te willen afstropen. De wegen zijn iets verbeterd en later zou blijken dat ook de beruchte baan naar Poipet (Thaise grens) een heuse snelweg aan het worden is.

Tegen valavond komen we aan in P.P. en de onvermijdelijke tukkers bespringen de bus. We pikken er énen uit en laten ons naar het Golden Gate voeren waar ik 4 jaar geleden met Ronny was. De kamer blijkt hetzelfde maar de prijs is wel met 10$ gestegen (35$). De was is nog steeds gratis waar we zeker goed gebruik van maken. Ook onze rugzakken kunnen een poetsbeurt verdragen na alle stofperikkelen.

We nemen een tukker om ons naar restaurant Friends te laten voeren. We moeten niet afdingen want hij vraagt de correcte prijs (2$). Aan het restaurant stelt hij zich voor als mister Rotha en vraagt om morgen onze chauffeur te mogen zijn. We komen een prijs van 20$ overeen voor de hele dag. EINDELIJK een Cambodiaan die CORRECT is.

Bij Friends laten we het ons smaken www.friends-international.org

Voor we gaan slapen nog effe internetten en blijkt dat een kamer in The Villa in Siem Reap ok is maar we nog een formulier moeten invullen.

Dinsdag 3 februari

Tot onze grote verrassing blijkt het ontbijt in Golden Gate nu in buffetvorm te zijn (vandaar de prijsverhoging ?). om 8:30 staat mister Rotha ons op te wachten en vertrekken we naar Cheung-ek, de plaats waar duizenden Cambodianen werden doodgeslagen onder het schrikbewind van Pol-Pot. Het is een engen plaats om te bezoeken. De glazen stoepa ligt vol kledij, schedels en beenderen. Opvallend is dat ALLE schedels gebarsten zijn of gaten vertonen van de opgelopen mishandelingen.

Bij de putten die de voormalige massagraven waren zie je zo nog de restanten van kledij en beenderen uit de grond steken. Rondom deze plaats werd een dijk aangelegd om het te beschermen tegen de moesons. De plaats hangt ook vol met borden die de gruwel beschrijven die er 30 jaar geleden plaatshad. Je wordt er stilletjes van !!

We rijden terug naar P.P. en via enorme groentenvelden (morgendauw) komen we bij Toul Sleng, het voormalige martelkamp van de Rode Khmer. Na het bezien van de foto's, marteltuigen en andere getuigenissen ban je wel helemaal van slag en zijn we blij dit stuk Cambodiaanse geschiedenis achter ons te laten.

We maken een stop om het innerlijke te versterken en bezoeken de Russische markt. Vroeger werden hier goederen uit Rusland verhandeld (vandaar de naam) maar dit is nu verleden tijd.

We trekken richting  koninklijk paleis maar Kaats mag er wegens het dragen van een topje niet in, zelfs niet met een sjaal erover. Mister Rotha wil ons naar het hotel terugbrengen voor aangepaste kledij, maar we besluiten dan om naar het NAtionaal museum te gaan. Een kwiek waterverkoopstertje smeert ons twee flessen aan. De tweede is voor de gids zegt ze. Het museum blijkt zeker het bezoeken waard. In de binnentuin kunnen we filmen maar niet in de zalen. Rotha brengt ons ook nog naar de bank en naar de haven waar we tickets kopen om met de boot naar Siem Reap te gaan (35$). Als we terugkomen in het hotel hangt de was netjes op kapstokken in de kast. We gaan de buurt verkennen en het is opvallend hoe alles in 4 jaar tijd is veranderd. Na een frisse pint, een deugddoende massage en een maaltijd gaan we de rugzakken pakken en kruipen onder de wol.

Woensdag 4 februari


Vroeg (5:30u) uit de veren want om 6:30u moeten we ontbijten en 20 minuutjes later vertrekken naar de haven. Mister Rotha is stipt. Daar hij gisteren een ruime tip kreeg wil hij vandaag geen geld meer aanvaarden. We geven hem toch de ritprijs en bedanken hem hartelijk voor de aangename tijd in P.P. We nemen onze seats in vooraan (zoals besteld) als daar plots ene sir Elders komt melden dat hij deze plaatsen reeds maanden geleden reserveerde. Wat gelul en gezever met resultaat dat sir Elders (Amerikaan, of wacht dacht je ?) achteraan in de boot kan plaatsnemen.Ondertussen hebben de camera en kodak overuren moeten doen.


Nadat de boot verschillende keren stilviel moet een bemanningslid overboord om een visnet uit het schroef te snijden. Na zes uren vaart komen we in Siem Reap harbor. Ook hier veel veranderingen tegenover 4 jaar. Wat niet veranderd is zijn de tukkers die de boot bestormen om. Niettegenstaande onze mail komt ons niemand oppikken en gaan we in op het voorstel van ene Joe die ons voor 1$ naar S.R. wil brengen. Aan het hotel doet hij ons een voorstel om morgen naar Angkor Wat te gaan voor 12$/dag. Vanavond brengt hij ons om tickets te kopen en de zonsondergang mee te maken tegen 5$. We gaan akkoord.


We checken in in The Villa en een verfrissing en een lichte maaltijd later staat den Joe klaar om ons van de zonsondergang te laten genieten. In tegenstelling tot enkele jaren geleden is er nu wel een prachtige zonsondergang. Ondanks de massa kunnen we toch een tof plekje bemachtigen. Ook de klim naar de tempel is stukken eenvoudiger en minder gevaarlijk. We keren terug naar het hotel en gaan eten in The red piano, een zaak die door een Belg wordt gerund. Wat heel erg opvalt is dat de bedelaars uit het straatbeeld zijn verdwenen. Waarschijnlijk waren ze te opdringerig en bleef het niet bij bedelen ? Het aantal restaurants en drankgelegenheden daarentegen zijn verviervoudigd. We genieten nog van een avondwandeling en duiken de koffer in

Donderdag 5 februari


We zijn vroeg uit de veren want we hebben een hoop te bekijken vandaag. We vragen aan de receptie een nacht langer te blijven maar dat kan enkel in hun nieuwe hotel buiten de stad en kost 20$ meer (50$). Dit wordt dan onze duurste overnachting. Om 08:00u vertrekken we met Joe le taxi naar Angkor Wat. Zéér indrukwekkend, de foto's spreken voor zich.


Op vele plaatsen zijn restauratiewerken bezig. Ook het middenste en tevens hoogste gedeelte kunnen we daardoor niet betreden en missen de impresionante look over de jungle. We hebben een drietal uren nodig om de tempel te bekijken. Cutuurfreaks zullen hier echter dagen van smullen.


De tweede stop is Angkor Tom en de Bayontempel. Het bezoek hier is korter wegens kleiner maar daarom niet minder mooi. Kodak en camera moeten overuren kloppen. Den Joe is ondertussen in restaurant 34 in zijn hangmat gekropen. Wij moeten volgen wegens de hitte !!


De mooiste tempel is de minst gerestaureerde Tha Phrom die nog gedeeltelijk overgroeid is met het oerwoud. We zijn licht ontgoocheld te zien dat ook hier de reastauratiewoede heeft toegeslagen. Overal zijn houten trappen en platforms gebouwd om de heren en dames toeristen terwille te zijn. Vier jaar geleden vond ik het klauteren toffer. Om alles te restaureren zal het nog generaties duren terwijl het slechts (???) 75 jaar duurde om de tempel te bouwen.

Vrijdag 6 februari


Het wordt een uitzonderlijke morgen want we hoeven geen wekker te zetten en we maffen tot 8:00u. We gaan een dagje fietsen en hebben dus helemaal geen haast. Ik heb geen zin in de dagelijkse portie eieren en toast en neem alleen koffie. In een guesthouse verderop kan ik twee fietsen huren aan 2$ stuk/dag. De prijs is naar Cambodiaanse normen duur, maar we schijnen er een goed doel mee te steunen. Het zijn rammelkoten en we hopen dat het goede doel ons ons ook thuisbrengt. We nemen de weg richting Tonle Sap en we hebben S.R. nog maar net verlaten als er een kerel komt opduiken die ons vraagt mee te gaan naar een klooster om wat zijn Engels te repeteren. Ik maak hem direct diets dat we het tof vinden dat hij Engels leert, maar dat wij met verlof zijn en graag alleen verder trekken. We komen zo wel te weten dat aan de andere kant van het kanaal een alternatieve weg (?) loopt. Dit blijkt een voltreffer van formaat. Al gauw rijden we op de boerenbuiten, en geloof ons, in Cambodge wil da wa zeggen !


We rijden door middeleeuws aandoende dorpjes, vrouwen koken eten langs de straat. We rijden langs grasgroene rijstvelden op wegen nauwelijks die naam waardig. De locals zijn allervriendelijkst en we moeten om de haverklap handjes zwaaien en hellooooooows beantwoorden. Na enkele uren komen we in S.R. haven en zien de wezenlijke veranderingen t.o.v. 4 jaar terug. Wat echter niet veranderd is, zijn de armoedige omstandigheden waarin de lokale bevolking leeft. Rond de middag komen we voorbij de aanlegsteiger waar de boot uit P.P. aankomt. Nu zien we de bestorming van de boot door de tukkers langs de andere kant. Joe le taxi was er ook maar kon deze keer geen toerist "vangen" ! We keren terug langs dezelfde route en komen andermaal ogen te kort om alles op te nemen. Net voor S.R. komen we voorbij een krokodillen boerderij waar we een kijkje gaan nemen.


Tegen 17:00u doen we de fietsen binnen. Gelukkig hebben deze vehikkels ons zonder problemen thuisgebracht. We checken e-mail en vernemen dat het hotel in Battambang bevestigde. We zijn dus onderdak voor de rest van de reis want het verblijf op Koh Chang en Bangkok zijn geboekt. Aangezien we lichtekes zwart wezen wegens fietsen op de stofwegen snakken we naar een heerlijke douche. We gaan iets drinken op de oude markt maar worden constant lastig gevallen door kids die perse van alles willen verkopen. Eten doen we in de Soup Dragon wat andermaal succesvol is. Daarna direct naar The Villa wegens kilometers in de "kietten". Het is nauwelijks 20:00u maar vallen wel als een blok in slaap.

Zaterdag 7 februari


Vroeg uit de veren want we hebben een afspraak met een gids die ons één dag het rurale leven in Cambodia zal laten beleven. We hijsen nog een Canadees (Brian) aan boord en vertrekken. Na zo'n 20 km komen we in één van de vele dorpen zoals we reeds paseerden. De gids legt ons uit hoe deze mensen zichzelf voorzien van drinkwater. De aanleg en zuivering van de waterputten zijn gesponsord door westerse landen. In het dorp zijn voldoende waterputten maar slechts 50 zuilen die het water zuiveren. Om idereen van drinkbaar water te voorzien zouden er 130 van die zuilen moeten zijn. Er is dus nog werk aan de winkel.


We worden samen met de dorpsoverste (zeg maar burgemeester) in een ossenkar geperst en maken een ritje door het dorp naar de rijstvelden. Confortabel is anders, maar ja zo gaat het er hier aan toe. Het is opvallend dat er in het dorp mooie huizen staan die echter volledig omgeven zijn met prikkeldraad. Later kan (of wil) de gids hierover geen uitleg kwijt maar we vermoeden dat de Rode Khmer niet alleen in de steden woont. Terug in het dorp probeer ik effe de ossekar te besturen. Vertrekken is als een fluitje van een cent, maar stoppen... o wee ! En het dorpshoofd maar hollen achter die kar !


We worden voorgesteld aan een familie waar we de dag grotendeels gaan doorbrengen. Een stokoud moedertje met haar twee dochters. De mannen zijn gaan werken als bouwvakker en verdienen 5$/dag. Daar zij momenteel het dak herstellen krijgen we de hele uitleg hoe dat moet en na enkele minuten zijn wij op weg om ons diploma dakdekker te halen. Helaas niet bruikbaar in Belgie wegens geen palmbladeren, bamboe en voldoende zon.


Het is vlug middag en ik help de dames met het bereiden van het eten. Een vissoep met zure mango, look en citroengras. Dan een potje met vispasta (die verschrikkelijk stinkt) met basilicum, citroengras, look, pepers en... rode mieren ! De soep was lekker, het rode mierenspul eetbaar maar zéér zout. De boterhammen die we meekregen in The Villa geven we aan de meiden die alles zeer dankbaar aannemen. Enkel de bananencake moeten ze niet maar de honden lusten die dan weer wel. Ook de fruitbrochette had veel bijval.


Na de middag gaan we op het land kijken naar de gewassen die, hoe kan het anders, kurkdroog staan. Op een boerderij zien we iemand twee hanen trainen om te vechten. Nog steeds een populaire sport in Cambodja. Terug in het dorp toont het moedertjes ons trots haar medicijnendoos. Wij kunnen er alleen maar zieker van worden vrees ik.


We nemen afscheid van de familie en gaan de lokale school bezoeken. Brian neemt de taak van onderwijzer Engels op zich en doet dit als een volleerde prof. We beleven een heerlijk uurtje met de kids. Velen onder hen zijn gedreven en willen het Engels onder de knie krijgen, waar ze ten andere best in slagen. We hebben nog balpennen genoeg bij zodat we iedere leerling bij het afscheid van een exemplaar kunnen voorzien.


We trekken naar de dorpskerk (lees Wat) De gids legt uit dat deze slinternieuwe Wat tot stand kwam met het geld die van de dorpelingen werd afgeschooid. Gezien het weinige dat deze mensen maar bezitten smelt onze interesse als sneeuw voor de zon. Geloof blijft geloof, welke naam je het ook geeft !!!


De gids voert ons verder naar de West-Barray. Dit gigantisch waterbekken werd meer dan 1000 jaren geleden door mensenhanden uitgegraven. Met afmetingen van 2000 meter op 8000 meter en een diepte van 7 meter zullen ze wel een tijdje zoet zijn geweest. Het reservoir doe nu ook dienst als waterbevloeiïng systeem voor de akkers. Het water komt van de regen en een 70 km verderop gelegen waterval. Bij de marktkramers aan het water proef ik jack-fruit en geroosterde krekels.


De dag zit erop en we keren terug naar The Villa waar een tukker ons naar het verblijf voor de laatste nacht in S.R. brengt. Het ligt inderdaad een eind buiten de stad, maar gezien de vermoeiende dag hebben we toch geen zin om nog maar eens in het stadje te gaan rondzeulen. De Sejourn blijkt een echte topper. Binnen de ommuring vinden we een schitterende tuin met dito bungalows en zwembad. Effenaf prachtig en de 50$ meer dan waard. Aan het zwembad worden we verwelkomt met een cocktail en een fruitbrochette. Het water is heerlijk. Na de open keuken leren we ook het open restaurant kennen. Alleen een dak op palen, geen muren. De kikkers huppelen in grote getale vrolijk rond en het eten is voortreffelijk. Crabcakes als voorgerecht, en eendeborst met pepersaus en rijst maken het diner af. Achteraf vallen we naar goede gewoonte als een blok in slaap.

Zondag 8 februari


Om 6:00 opstaan en na een heerlijke ontbijtsoep staat de tukker reeds klaar om ons naar het busstation te brengen. Zoals gebruikelijk vertrekken we met een half uur vertraging. De eerste 80 km blijken de weg naar PoiPet te zijn. Er zijn enorme werken bezig en de baan in aanleg lijkt op niets meer van de aardewegel die het 4 jaren geleden was. De gammele houten bruggetjes zijn vervangen door stabiele betonnen constructies. Iets na de middag komen we aan in Battambang wat niets minder dan een vuile stoffige stad blijkt te zijn. Ons hotel blijkt aan de stadsrand te liggen en een hoop sterren minder te hebben dan de vorige. We vertrekken direct om ons vervoer te regelen voor overmorgen naar de Thaise grens. Bussen rijden er niet ? Ne louchen tiep bied ons aan om tegen 30$ ons per taxi naar de grens te brengen. We spreken af om morgen eerst telefonisch contact op te nemen. Voor morgen komen we via een guesthouse terecht bij Gecko die brommers verhuren. Tegen 8$/dag huren we een 125cc Honda.


We gaan te voet terug naar het hotel en zien de Cambodianen met tientallen op de bon gezet worden door de politie wegens de chauffeur geen helm op. De bijrijder moet geen helm dragen ??We volgen op een mapje de weg om de bamboe trein te vinden. We vinden wel de spoorweg maar niet het station. Een tijdje later komt zowaar een exemplaar van de bamboetrein aangesloft. Na het nemen van de foto's krijgen we een lift aangeboden. We nemen plaats tussen het fruit, groenten en eieren. Het bakske kreunt onder het bijkomende gewicht van twee westerlingen. Te gek hoe ze het bedenken. Bij tegenligger wordt één vlot afgebroken om de andere doorgang te geven. Daarna opbouwen en were weg. We bereiken het gezochte station (nou ja...!!) en gelukkig staat daar een tukker die ons tegen 3$ terug naar het hotel brengt.


In het hotel bestellen we twee masseuses, maar de jonge dames blijken niet veel kaas te hebben gegeten van massage. In het naastliggende restaurant gaan we eten. Het is niet de Sejourne maar het is wel lekker en stukken goedkoper. Iets na negenen in de koffer en GEEN wekker te zetten.

Maandag 9 februari


Geen wekker zetten zeg je... Inderdaad, we worden wakker vanwege een vreselijk gebrom in de kamer. Aan de receptie beloven ze voor morgen een andere kamer. Het geluid zou van de airco komen.We liggen net terug in bed als de naburige monnikken menen hun duit in het zakje te moeten doen en klagerig gezang duurt tot 8:00u.


Gelukkig is Gecko stipt en de brommer wordt op tijd geleverd. Na het ontbijt rijden we richting Wat Ek Phnom. Het is een prachtige tocht en onderweg zie ik diverse mogelijkheden om den boerenbuiten op te rijden. Aan de Wat staat een flik die ons onmiddelijk 4$ afluist om op den brommer te passen. De entree in de Wat is dan wel inbegrepen. Het is een mooi watje, maar de ruine er achter is totaal ruine.


We rijden terug een slaan lukraak een baantje in die we vele kilometers volgen. We komen inderdaad op de beoogde boerenbuiten. Het wordt een schitterende dag en moeten wel 1000 helloooooooows van de locals beantwoorden. We eten een broodje aan een mobiele broodjeswinkel (gat in de markt in België ??), zien de boeren het land bewerken (en bemesten !), zien de locals met hun brommer op een vlot de rivier oversteken, zien honderden arme maar gelukkige, vriendelijke en gastvrije mensen.


In de late namiidag zijn we terug in Battambang en rijden nog een langs het bamboetreinstation.Deze keer zien we een exemplaar voorbij tuffen met een lading toeristen aan boord. We rijden kriskras door de stoffige wegels en belanden aan de Sangker rivier waar we een plaats vinden om in een hammock te ploffen en een drankje te nuttigen. HEERLIJK !!! Net voor donker brengen we de brommer terug naar Gecko en gaan te voet naar het hotel via een reuze boedha.


In het hotel vragen we contact op te nemen met de taxi voor morgen maar we krijgen geen verbinding. De receptioniste zegt zelf een taxi te kunnen matsen voor ons en 5' later hebben we ons een voiture tegen 35$ naar de grens. Vertrek om 7:00u. Na nog een verfrissing willen we gaan douchen, maar er zijn geen handdoeken op de kamer maar wel 1000 muggen. Na 10 minuten, een spuitbus en twee handdoeken verder springen we onder de douche maar hebben geen water. Alles kwam ok op zijn Cambodiaans. We voelden ons in Fawlty Towers !!! Na opnieuw een heerlijke maaltijd kwam ook een einde aan deze heerlijke dag.

Dinsdag 10 februari


Wij vroeg uit de veren, ontbijten en den driver een kwartier te  laat. Dus stipt op Cambodiaans uur. Hij spreekt of verstaat geen kloten Engels maar wijle toch weg. We komen terecht op een weg (nou ja...) waar deze naar Poipeth een lachertje tegen is. We rijden nu weer kriskras maar dan door de mijnenvelden. Soldaten zijn druk in de weer om de boel voor ons ontploffingsvrij te maken. In uitzonderlijke gevallen noteert de snelheidsmeter 40 km/u en in 3 uren hebben we de 90 kilometers achter de kiezen en zijn in Pailin. Chauffeur vraagt "Hotel ?". Probeer jij maar eens uit te leggen aan iemand die geen taal kent (buiten Cambodiaans) dat je naar de grens moet. In een helder moment telefoneert hij naar de hotelreceptioniste aan wie wij kunnen uitleggen waar we zijn moeten. Alles ok mits een opleg van 10$. Aan de grens geven we de chauffeur 35$ en de rest in 10€. Heeft wat moeite gekost om uit te leggen dat 10€ meer waard is dan 10$. Tijdens het uitladen hoor ik de draagriem van de rugzak scheuren maar niet breken.


Aan de immigration blijkt een probleem met de duur van de visa. Ondertussen komen een stel Nederlanders aanschuiven die blijkbaar ook naar Trat moeten. We spreken af gezamelijk vervoer te regelen en blijkt dat zij nog een koppel Aussies op sleeptouw hebben. We krijgen de passen in orde en aan de Thaise kant is alles zo gepiept. Tegen 400 Bath (8€)/pers krijgen we een taxi naar het 250 km verder gelegen Trat. De Aussies proberen nog een discount wat mij een beetje kwaad bloed zet. Na een stop om te pinnen (ATM weet je wel) en de Aussies die eruit vliegen in Trat voert de chauffeur ons nog naar de 10 km verderop gelegen haven. Hij maakt haast en daardoor zijn we net op tijd voor de boot van 13:00u. Voor 160 Badders zijn we op Koh Chang waar waarempel een taxi klaar staat en ons voor nog eens 70 badders naar het geboekte resort brengt. Niet te geloven, maar om 14:00u worden we gedropt aan de Thai Garden Hill resort. We krijgen er een heel beleefde ontvangst en een omgebouwde janet zeult met onze rugzakken naar bungalow 108. We pakken uit want voor het eerst deze vakantie verblijven we 6 nachten op dezelfde plaats. We zijn onder de indruk van de prachtige locatie. We huren een brommer voor de hele week (900 badders). Voor de was worden we beleefd verwezen naar een goedkoper adres. In die buurt vinden we een bedrijfje die onze terugreis naar Bangkok kan regelen. Voor 4500 badders kunnen we met de taxi naar BKK (5 uren rijden) en zouden tegen de middag ter plaatse zijn. Terug in de resort een frisse duik in het zwembad. Het zwembadmadammeke geeft ons reeds twee handdoeken voor morgen (ze overslaapt zich regelmatig). We gaan nog wat internetten en een stukje eten.


Gezien de kilometers die we moesten afleggen met verschillende voertuigen, geen reservaties, en een grens oversteken is het onwaarschijnlijk veel geluk dat alles zo vlot verlopen is. Met die gedachte en de kleine week strandvakantie in het vooruitzicht vallen we als een blok in slaap.

Woensdag 11 februari


Lang slapen, allé tot 8:30u en enkel het gezang van de vogels horen. Ontbijten, luieren, aan het zwembad liggen, boekje lezen en vooral genieten van de zon op je velletje.


Na de middag maken we gezien de warmte een tocht met de brommer. Gelukkig hebben we een 125cc anders hadden we dikwijls mogen Flintstoneren om boven te geraken. Fruitshakeske drinken, luieren en genieten. Voor 200 badders kopen we een telefoonkaart waar we verschillende keren mee naar huis kunnen bellen. Op de terugweg de was ophalen die echter niet helemaal droog blijkt te zijn. In no time hangt de kamer vol wasgoed. Tegenover het resort vinden we een restaurantje waar het eten lekker is en een vriendelijke Engelander ons bediende. Wat dat betreft hebben we onze stek gevonden voor de rest van het verblijf.



Donderdag 12 februari


Deze morgen blijkt de zon zich te hebben verstopt achter de wolken, maar het is nog steeds erg warm. Tijdens het ontbijt komt het zonnetje toch te voorschijn. We gaan met de brommer de andere kant van het eiland op die minder fraai oogt en zeker niet toeristisch is. Er zijn enkele homestay's en low budget hotelletjes. We rijden terug naar Garden Hill om rustig aan het zwembad de liggen en een boek te lezen. Tegen de avond gaan we bij de buren een massageke meepikken en het blijkt een voltreffer. We maken meteen een afspraak voor overmorgen. Het eten is weer top in de Bamboe. Voor het slapengaan nog even de mails checken en Sofie schrijft dat onze diepvriezer het heeft begeven en de inhoud reeds een vreselijk geurtje verspreidt.

Vrijdag 13 februari


Vandaag gaan we een dagje op zee. Een pick-up komt ons in het hotel ophalen. Onderweg nog wat gasten opladen en met een volle boot stomen we de zee op. Na ongeveer een uur varen komen we op de eerste snorkelplaats. Niet veel koraal maar wel ontelbaar veel vissen van diverse kleuren en formaten. Kaats blijft aan boord als cameravrouwe. De tweede plaats is minder tof maar hier kunnen we zwemmen tot op het eiland. De lunch aan boord is lekker. Er zijn veel scandinaven aan boord en hun kids geven een show in het duiken. Een Deense blonde doet ook een poging en eindigd met het bovenstuk van de bikini aan haar kin wegens te grote boobs. Op koh Wai zien we een schildpaddenkliniek en is er gelegenheid voor een drankje. Terug aan boord krijgen we nog een bordje fruit en garnalen. Al bij al een toffe dag en zijn 700 badders meer dan waard.


Naast restaurant bamboe laten we een pidicure en manicure doen (2$/persoon) en na een lekkere diner gaan slapen.

Zaterdag 14 februari


We gaan voor het eerst naar het strand, huren een luchtmatras en liggen zelfs in de schaduw nog te puffen. We houden het vol tot de middag maar dan halen we de brommer en maken een ritje, de enige manier op wat koelte. In Bangbao kopen we wat souvenirs voor het thuisfront en pauzeren in een toffe hangstoel. Terug in het resort ploffen we het zwembad in maar wegens de hitte lijkt het meer op een warm bad. Wegens Valentijn is de slaapkamer versiert met rozenblaadjes en liggen de handdoeken geplooid in de vorm van een zwaan. In de Bamboe liggen tal van reuze gamba's op ons te wachten waar we er een stuk of wat verorberen met gewokte groenten en mie. Waanzinnig lekker !!! Doorspoelen met Chang bier. Na de maaltijd komt patron Phil (een Engelsman) ons een koffie met cognac aanbieden, wat we niet versmaden. We zien mensen met diverse geschenken aanrukken en denken dat het te maken heeft met Valentijn. Niets is minder waar want de madam (kokkin) van Phil is jarig. Er staat dus nog een feestje op touw. Wij kruipen onder de wol (ttz laken) wegens opnieuw vree moe.

Zondag 15 februari


Onze laatste volle dag op Koh Chang en de zon geeft weeral van jetje. Aan het zwembad komt badmeesteres Nung vertellen dat ze te laat was op haar werk wegens fucking with the Germans on the beach. Wat later komt ze bloemen brengen voor Kaats (?).


We nemen opnieuw de brommer wegens te heet aan het zwembad. Vanop de brommer moet Kaats haar filmkunnen vertonen om de prachtnatuur van het eiland vast te leggen. Na een frisse douche gaan we opnieuw bij de buren voor een relaxerende massage. We zijn opnieuw welkom bij den Phil en eten er overheerlijk. De bloemen van Nung geven we aan zijn vrouw voor haar verjaardag wat ons opnieuw een koffie cognac opleverde. Na afscheid te hebben genomen gaan we onze laatste nacht in op Koh Chang.

Maandag 16 februari


Na het vroege ontbijt staat de taxi klaar voor een 5 uur durende tocht naar Bangkok. Het is een saaie rit die we al lezend doormaken. Tegen de middag zijn we in het hotel Nana. Na het inchecken kleren gaan passen. Er blijkt nog wat werk aan te zijn maar tegen de avond mag ik afhalen. Kaats gaat shoppen in Siam Paragon en ik ga kleren en schoenen ophalen om daarna naar de Thai-box te gaan kijken. Pech voor mij want er is geen box die avond. Ik bezoek dan maar de naastliggende Suamlum night bazar. ik ga nog een pint drinken in de bar van het hotel en krijg Ronny zijn oude vlam achter mijn vodden. Kaats terug van shopping trip en wij nog wat eten aan de stalletjes tegenover het hotel en een pint pakken in de bars.


Dinsdag 17 februari


Onze laatste dag van de vakantie is aangebroken en we zijn van plan er een toffen van te maken. Douchen en inpakken. Het wordt stouwen om de rugzal dicht te krijgen. In het hotel kunnen we de bagage wegen. We hebben 39kg en 6,8kg handbagage. Voor de eerste keer binnen de limiet. De porter zorgt voor de packs en wij nemen de BTS naar Siam en Ocean World. Een ticket all inn kost 990 badders. We lopen ons gewoon de ogen uit de kop te kijken. SUBLIEM !!! Het is gewoon een wondere wereld die voor je opengaat. Ben je in BKK ? ZEKER DOEN !!!


Terug naar het hotel, de bagage ophalen en naar de luchthaven. We wandelen wat door de taks free shops maar ipv de taksen afgetrokken lijken ze er die te hebben bijgeteld.Ik wil ook enekel flessen Mekong Whiskey kopen maar de juf in de winkel zegt dat het niet kan wegens de tussenlanding in Abou Dhabi. Wij flesjes terug gegeven. Het eerste wat we zien als we zitten te wachten om te boarden is zo enen met een keukenhanddoek op zijn trommel en een zak met flessen whiskey. VUILE RASSISTEN !!


We vliegen opnieuw met een B777, in Coral klasse met alle ruimte. Na 7 uren komen we aan in Abou Dhabi.

Woensdag 18 februari


Mits wa geduld kunde op de luchthaven van A.D. gratis internetten. Voor de rest nieks te beleven uitgezonderd dat de sterke drank a volonté te koop is... Grrrrr Met een AB 330 vliegen we naar Brussel en hebben opnieuw een confortabele plaats. Geen problemen op de luchthaven en we hebben zo een trein naar Oostende.


Rond de middag komen we thuis en kunnen we terug blikken op een uiterst geslaagde reis met super weer en geen druppel...regen !!

Nawoordje


Zoals gezegd hebben we een super reis gehad? Niet alleen het weer, maar ook de schitterende landschappen, de vriendelijke mensen, het openbaar en geregeld vervoer, het lekkere eten, de heerlijke massages, kortom ALLES VIEL BEST MEE.


We hebben nu ongeveer Zuid Oost Azië gezien en kunnen stellen dat Laos er kwa natuur, cultuur, eten, mensen en aangenaam toeven er toch iets boven uit steekt. Cambodia is beter bevallen dan de vorige keer, maar er is toch nog werk aan de winkel. Vietnam is schitterend maar de mensen in het Noorden zijn een bende botterikken tov de zuiderlingen. Thailand is te toeristisch geworden en wat Birma te bieden heeft zullen we volgende keer wel ontdekken.


Enfin, het is overal iets maar globaal is het in dit stukje van de wereld zéér aangenaam toeven.


 


Kaats & Rudi.