Myanmar-Birma 2010

Zondag 31 januari

 

Kaats heeft weer geen oog dichtgedaan. In Nana hotel hebben we nu geen last meer van een ronkende generator maar horen veel straat lawaai (Kaats toch). Na het ontbijt is ze mottig en gaat wat op bed liggen. Tegen de middag komt ze er een beetje door en nemen we de skytrain naar Chatuchak park, dicht tegen de weekendmarkt. Het is een verschrikkelijk lastige warmte en in no time plakken we van het zweet. Het blijkt een prachtig verzorgt park te zijn met minder sporters dan in Lumpini, maar er zijn zelfs fitness toestellen voor de kids. Daar het zondag is zijn er veel locals die genieten van het mooie weer en er picknikken. We hebben tijd zat en lopen ook nog eens op de markt. Interresant is de kubieke meters container die je kan huren om gekochte spullen naar huis te sturen. Ongeveer 110€ per kub meter, Moeten we onthouden! Verder muzikanten van allerlei pluimage en een coffee verkoper die meer showbeest is dan verkoper. Tegen vijven terug naar het hotel om te douchen en naar een travestieten theater te gaan. Via skytrain komen we in Asia hotel wat een poepsjieke kast van een hotel blijkt te zijn. Het voorafgaande buffet is zeker DIK in orde. Ook de 1 uur durende show is om van te snoepen. We hadden een toffe plaats waar ik heel de show kon filmen. Bij het buitengaan kunnen we nog de foto op met die stravetieten. Als je rekent dat incluis een whisky tijdens de show het geheel 27$‚¬ kost dan hebben we zowel een keitof als een goedkoop vertier. Tegen 22:00u terug in het hotel, rugzak pakken en maffen.

 

 

Vrijdag 29 januari De start.

 

Iets na de middagvertrekken we richting Brussel. Daar we daags voordien reeds via internet hadden ingecheckt waren we stukken te vroeg. De vlucht naar Londen verloopt vlekkeloos. Het verhaal dat een transfert tussen twee terminals uren duurt is zeker uit de lucht gegrepen. Landen op terminal 5 en in 20 minuutjes zijn we op terminal 3. De twee uren die we daar moeten doorbrengen vliegen voorbij door de massa shops.

 

Zaterdag 30 januari Aankomst in Bangkok.

 

De vlucht naar Bangkok vertrekt met 1 uur vertraging. Op het vliegtuig stikt het van de Engelse fans van tennisvedette Andy Murray die zondag in Australie de finale van de grand slam speelt. Goede vlucht. Wat opvalt, ooit met een vlucht mee geweest (Singapore) met de verzameling mooiste vrouwen, maar nu een vlucht met allemaal oude dozen. De service is ook iets minder (wegens het overjarig personeel ?). Kaats doet traditioneel geen oog dicht. In BKK is het effe aanschuiven aan de imigration, maar de bagage hebben we direct. Busticket gekocht (150 badders) voor Nana en een uurtje later zitten we in het hotel. Mail naar alle thuisfans en direct een massageke. Nog een stukje gaan eten en inchecken via mail op de vlucht met Air Asia voor maandag. We merken dat de vlucht tsjokvol zit.

 

Nana Hotel. Voor ons een klassieker omdat het hotel dicht bij de skytrain ligt, propere kamers heeft en een reuzenontbijt voor een goede 40 €.

Myanmar/Birma 2010

Maandag 1 februari - Vlucht naar Yangon

 

Met vakantie zijn en om 3:30u opstaan, ’t is nog lastiger dan gaan werken. We ontbijten in de luchthaven en kunnen er free WiFi’eren. De vlucht vertrekt stipt en iets later landen we in Yangon. Grensformaliteiten gaan zéér vlot niet tegenstaande we een massa papier moesten invullen. Thet, de gids en Minmin de chauffeur staan ons reeds op te wachten. Half uurtje later zijn we in het hotel. Thet legt uit dat we via hem de kamer tegen 25$ hebben. Betreffende het strandverblijf raad hij ons aan een ander hotel te nemen dan eerst gekozen. Het is via hem 10$ goedkoper dan het vorige maar het is de top of the bill. Vooruit met de geit dus. Wij naar een toerbureau om te boeken en te betalen. Ik leg uit dat we nog geen lokale ksjats hebben. Op zijn aanraden wegens de gunstigste koers van het land wisselen we 500$. Thet komt buiten met een plastiek zak vol geld. Hij had net een bankoverval gepleegd. Ik vroeg hem of we ook een portefeuille konden kopen waarin we alles kwijt konden ??

 

We hebben een vrije namiddag en slenteren wat door de stad. Als je dit als de (voormalige) hoofdstad rekent dan hebben we precies in een tijdscapsule gezeten ipv in een vliegtuig. Zelfs overdag zie je de ratjes zitten. We gaan een café binnen (bij den Danny) en maken kennis met de locale keuken en een Myanmar-biertje. Beiden bevallen. Het is raar dat de mensen u zo aankijken. We voelen ons precies marsmannetjes. Wegens de grote hitte (40° en het is in Mandalay nog warmer !!) gaan we terug naar het hotel. Opvallend zijn de groepen om elektriciteit op te wekken, die massaal in het straatbeeld voorkomen.Onderweg verhuist de eerste knuffel naar een kindje die niet precies weet wat haar overkomt. De ouders zijn zo mogelijk nog contenter dan de kleine. In het hotel gaan we luieren aan het zwembad (in de schaduw). Tegen 16:00 komt Thet ons ophalen. We bezoeken eerst een liggende boedha ? Blijkt een kolos van zo’n 70 meter lang te zijn en 30 meter hoog. Daaromheen is dan een gigantische hangar gebouwd. Het is sluitingstijd en we zien nog net enkele kerels de al even enorme offerblokken naar een gebouw dragen. ’t Ja daarvoor is er blijkbaar altijd geld ??

 

We rijden verder naar de Shwedagon pagoda. 5$ entree. Met de lift naar boven. Wat we daar zien is het mooiste wat we op gebied van tempels in Z.O.Azie hebben gezien, en geloof ons, we hebben er al een pak te zien gekregen !! Beschrijven is moeilijk maar de foto’s en film zullen voor zich spreken. Ook de zonsondergang is prachtig. We gaan nog iets lekker eten bij een Chinees en daarna terug naar het hotel Yuzana en maffen.

 

Hotel Yuzana in Yangon. Een aanrader. Zeer ruime nette kamers met bad en douche. Ook zwembad. Safe op de kamer. Vriendelijk personeel. Ontbijtbuffet. Als de lift stuk is hangt er een bordje dat lopen gezonder is. Internet indien electriciteit. Normale prijs 36$ maar dank zij tussenkomst van Thet 25$.

Dinsdag 2 februari – Transfert naar Mawlamyine.

 

We verlaten de voormalige hoofdstad Yangon(Rangoon) en rijden zuidwaarts naar Mawlamyine. Het grootste gedeelte van de dag is wat saai omdat we transfert dag hebben en dit langs een eentonige weg gebeurt. In de voormiddag een stop aan een pottenbakkerij. We hebben alles gezien van het kleistampen tot het afgewerkte product. Ook zijn weer een paar knuffeltjes van eigenaar verwisseld. Tegen de middag stoppen om te lunchen in een aangename zaak waar ook een zoo aan verbonden is. De green papaya salad was keilekker. Terug op de weg kijken we de ogen uit naar de transportmiddelen die deze inventieve mensen gebruiken. In Thaton maken we nog een stop om eens te drinken. Zodra ik me wil neerzetten op het veel te kleine krukje slaat de boel om en beland ik met mijn breed lijf in een flessenrek. ‘k Had direct den eerste prijs. Vlug gedronken, alle gemaakte schade betaald en wijle weg. We vinden niet direct een hotel en pas bij de vierde plaats hebben we raak. Ik kan nog net een paar foto’s maken van een alweer schitterende zonsondergang. Nog maar net op de kamer blijkt dat we maar 1 nacht ipv 2 kunnen blijven. We gaan samen met Thet en Minmin eten en op een terras enen drinken. We hebben het een (klein beetje) over de politiek in Birma maar gaan er niet diep op in. Je voelt toch dat de mensen onder een grote juk gebogen gaan. Het kwik liep vandaag tegen de 40° maar nu is het fantastisch. Volgens Thet wordt de hitte nog groter naar mate we noordelijker gaan en op een druppel regen hoeven we niet te rekenen. Pech hé ??? We zouden zelfs een stuk van de planning wijzigen om de grootste hitte te ontlopen. Dan nog liever zo dan de regen moeten proberen te ontlopen !!

 

Bungalows waren de prijs van 35$ zeker niet waard. Toch netjes en goed ontbijt.

Woensdag 3 februari – Allah is groot maar Boeddha is nog véél groter.

 

Tegen acht uur worden we opgehaald door Thet & Minmin. We brengen eerst onze bagage naar een ander hotel want we konden maar 1 nacht blijven. Op weg naar de eerste bestemming van de dag zien we heel veel houten bussen. Ze worden voornamelijk gebruikt voor het vervoer van schoolkinderen maar even goed als goederenvervoer.

 

Een half uurtje buiten Mawlamiyne komen we in een gebergte. Op één van deze heuvels zijn die gekke boedhisten een liggende boedha aan het bouwen. Niets bijzonder ware het niet dat de kolos zo’n 200 meter op 60 meter groot is. Allah is groot maar we krijgen de indruk dat Boedha nog veel groter is. Er loopt een brug naar het beeld die er volgens Thet twee jaar geleden niet was. Men is reeds 10 jaar bezig aan deze kolos en het zal zeker nog eens 10 jaren duren eer het af is. De grootste verrassing is nog dat aan de binnenkant het volledige leven van boedha wordt uitgebeeld. Je moet weten dat boedha niet 1 maar 55O levens heeft (gehad). Kun je je dan voorstellen hoeveel beelden daar moeten komen. Slechts enkelen zijn volledig afgewerkt en geschilderd. De bezieler van dit project is een 90 jarige monnik die momenteel in Yangon is voor een medische check-up. Hij zit dus in de laatste faze van zijn …? leven. We rijden een tegenoverliggende heuvel op om een algemene indruk te krijgen. Jammer dat het zo bloedheet is en we dus vlug naar de vallei moeten.

 

Next stop is een meditatiecentrum voor boedhisten, of wa hadde gedacht ? We komen net op tijd om de etensbedeling mee te maken. Je hoort er een muis lopen. Bol vol rijst en curry, fruit, koeken, youhurt. Die mannen en vrouwen kassen wat binnen, en ze zijn met een grote duizend. In de eetzalen zit iedereen met het gezicht naar de muur met de blote handen te eten. Daarna kommetje afwassen, half uurtje rust en dan maar bidden tot 22:00u. De verblijven zijn mini-bungalows en deze van de monniken en de nonnen zijn strikt gescheiden, ach ja… !! Het spannendste gedeelte komt nog. Na in deze hitte de berg te zijn opgekleffert komen we bij de verblijven van de oppermonnik. Thet sleept ons naar binnen. Die leukerd zit daar omringd door een twintigtal vrouwen. Ja, zo wil ik ook wel monnikkeren !!! We zien ook nog de indrukwekkende meditatiezaal en bibliotheek.

 

Het is middag en we slenteren wat rond in de overdekte markt. Na de lunch gaan we naar het hotel een beetje rusten om zo de grootste hitte van de dag wat ontlopen. We gaan naar een internet café en proberen de tekst en foto’s die we op een USB stick hebben gezet op de site te krijgen. Het duurt een eeuwigheid om de site geopend te krijgen maar verder lukt het niet. Plaatselijke PC’s zullen niet zwaar genoeg zijn ? Gaan deze avond nog een poging wagen.

 

Tegen vier uur vertrekken we naar de achterop gelegen bergen en bezoeken nog maar eens een pagoda. We hebben wel een schitterend zicht op de omgeving. We zien een boomklimmer (maar dan een echten !!) in de palmbomen klimmen om afgetapte palmsuiker naar beneden te brengen. We wachten tot zonsondergang (nog maar eens) maar opnieuw de moeite waard.

 

Onze nieuwe stek is stukken beter voor 30$. Supervriendelijk, kraaknetjes en ontbijt.

Donderdag 4 februari – Van boeddha’s en gouden rotsen

 

Via een binnenweg rijden we terug Kayitho, richting Golden Rock. Dit is een boedhistisch foefelingske van een gouden rots met een stoepa op. De rots ligt wankel op een berg en wordt door een haar van Boedha in evenwicht gehouden ? en als je het nie geloofd maken ze wa anders wijs. Enfin, onderweg krijgen we al een voorsmaakje van een stoepa op een rots maar dan wel in een schitterende omgeving. We laten ons door het typische platteland van Myanmar rijden en vinden het schitterend. Links en rechts kunnen we enkele snoepen en knuffels van de hand doen. Deze morgen hebben we ook nog eens gestopt om een houten Chevy vol schoolkinderen te fotograferen en ondertussen deelde Thet de pennen uit. We zijn rond drie uur op onze nieuwe bestemming en logeren de komende twee nachten in een mooi bungalowpark Kin Pun Camp en betalen 25$. We spreken af met Thet om samen te gaan eten. Eerst een wandeling door het dorp waar blijkt dat er veel toerisme is. Geen blanken maar locals daar de Golden Rock een bedevaartsoord is of wa hadde gedacht ?? Het is een aangenaam dorp en we hebben aan de kinderen een dankbaar object om te fotograferen.

Vrijdag 5 februari – Van boeddha’s en gouden rotsen.

 

Zoals bijna iedere morgen vertrekken we om 8:00u. Er is een speciale steiger gemaakt om in de laadbak van de vrachtwagen te komen. Er zijn dwarsbalken aangebracht waarop er 6 personen moeten plaatsnemen. Er zitten er 5 naast de chauffeur en her en der hangen er nog een deel aan. Prijs = 1500 kyat (lees tsjat) per enkele reis. Een rit van 45’ op een bochtig parcours en een chauffeur zoals er bij “De Lijn” ook wel een stellletje rondrijden. Met pijn aan ’t gat een “wandelingske” beginnen. Het blijkt een tocht van 75’. Meestal trappen maar gemaakt voor reuzen. Onderweg blijven we dikwijls eens uitpuffen. Kaats krijgt stilaan de kleur van een rijpe tomaat. Die gouden klomp ligt op 1200 meter boven zeeniveau. Tien westerlingen hebben we niet gezien maar wel massa’s Birmezen die op bedevaartstocht zijn. Sommigen gaan te voet vanaf het dorp en blijven verschillende nachten op de top doorbrengen. Eenmaal boven blijkt het oord niet meer dan een gigantisch souvenirkot te zijn (zie Lourdes en zoveel meer). Thet wil ook wat goud op de rots kleven. Vrouwen mogen niet bij de rots komen ? De offerblokken staan met tientallen her en der waarvan sommige propvol ! Rond de rots hangen honderden belletjes. Wij schaffen er eentje aan maar brengen hem mee naar huis. Zullen hem offeren aan de boedha in onze tuin. We kopen ook een stukje geurige sandelwood om thuis tussen de kleren te leggen.

 

Iets na de middag vatten we de terugtocht aan. Dit keer zijn we in minder dan één uur terug aan de “busplaats”. Wijle met zo’n stuk of 60 opnieuw als haringen in een ton de berg af. Opnieuw een aan het stuur. Terug in het dorp, eten en siesta. We zijn een beetje zonverbrand en stijf van de tocht, maar niettemin hebben we een schitterende dag gehad. We gaan nog effe rondneuzen in het dorp, waar we iets raars zien liggen dat op tabak lijkt. Thet legt uit dat het geraspte boomschors is. Deze gaat mee de wok in en zou smaken naar gerookt spek. Het wordt uiteraard ook gebruikt als vleesvervanger. Gelukkig hadden we al gegeten.

 

Sea Sar bungalow Kin Pun Cam. Geen aanrader maar het beste in de omgeving. Toch 25$

Zaterdag 6 februari – Transfert naar Taungoo..

 

Reeds van voor 4:00u worden we gewekt door een hels kabaal. Zoals bij alle evenementen komen ook hier luidsprekers aan te pas. Bleek te gaan om de bedevaarders naar de bussen te begeleiden !! We hebben een traditioneel saaie transferdag voor de boeg. We stoppen een eerste keer bij een rivier waar een soort vismarktje is. Een tweede stop aan een soort veiling, waar deboeren hun producten komen aanbieden en verkopen. De ossenwagen is hier HET vervoermiddel. De mensen bekijken ons als komen we van een andere planeet. De derde stop betreft het middagmaal waar ik eens kip met bamboe eet. Onwaarschijnlijk lekker. In de late namiddag zijn we in Mom’s guesthouse en voor 15$ hebben we een nette kamer.

 

Het thuisfront zal zich ongetwijfeld afvragen waar we zijn en waarom we niets laten weten. We zouden hier hebben kunnen internetten ware het niet dat er geen electriciteit is vandaag. We hopen op later. Thet zegt dat we aan het Inle meer zeker verbinding zullen hebben, maar dat heeft hij reeds meermaals gezegd. Sorry dus folks want we branden van ongeduld om te laten weten hoe het hier is. Morgen zou het iets koeler zijn dan de gebruikelijke 35°C daar we richting 1500 meter hoogte trekken en het verschil zeker 10°C zou zijn. We zijn benieuwd !!

 

Moms guesthouse, degelijk, net en de 15$ meer dan waard. Ook een lekkere keuken en zeer verzorgd ontbijt

Zondag 7 februari – Transfert naar Kalaw.

 

Na een uitgebreide ochtend maaltijd opnieuw een transfert tocht. Tot de middag volgen we de weg tussen Yangon naar Mandalay. We stoppen om eens de boeren die hun rijstvelden ploegen met de ossenploeg te filmen. Iets verderop bieden de boeren hun watermeloenen te koop aan langs de weg. We bekijken eens het laden en lossen van de wagens en krijgen prompt een meloen aangeboden om te proeven, waar we geen neen tegen zeggen. Lekker !! Nog iets verder stoppen we aan een benzine station… nou ja !! Hier wordt alles nog in kruiken en met een trechter in de benzinetank gegoten. Het stockeren gebeurd in vaten van 200 liter die eveneens gewoon langs de kant van de weg staan. Reuze bommen dus !! Ook het vervoer van deze vaten zien we gebeuren op pick-up’s ?

 

Rond de middag verlaten we de hoofdweg en ondervinden dat deze beduidend smaller is en slechter. Nog een stop aan een boerderij en een plaats waar wielen voor de ossenkarren worden gemaakt. Aan twee wielen is 8 dagen arbeid (zelfs de spaken worden met de hand uit teak hout gezaagd) en deze worden dan verkocht aan 18$ per stuk. De hele ossenwagen kost 250$. Op de boerderij was men bonen aan het pellen. 1 Mand bonen werd verkocht aan 24$. Voor een prikje meer dan 10 manden bonen heb je dus een complete wagen (zonder de ossen uiteraard).

 

Bij de volgende kruising nemen we rechts en gaat het via een nog slechtere weg richting Kalaw. Na de zeer fijne Birmese maaltijd begint pas DE SLECHTE WEG !! Op de laatste 40 km rijden we de rest van de namiddag. Het is ook stijl bergop nu. We worden dooreen geschud en vreten stof dat het niet mooi meer is. Eens in Kalaw komen we aan in een proper hotelletje (dreamland) en voor 30$ hebben we een kamer. Na de wasbeurt ziet het bad er niet uit !! We geven voor het eerst de was uit in het hotel. Samen met Thet gaan we nog eten en tegen 21:00u liggen we onder de wol. Letterlijk dan want we bevinden ons op 1500 meter en het is behoorlijk frisjes.

Maandag 8 februari – In de voetsporen van de Palaw.

 

Na een heerlijke nacht en dito ontbijt maken we kennis met Sanly. Hij is de gids die ons samen met Thet door het gebergte naar de Palaw stam zal brengen. Er staat ons een stevige wandeling te wachten van 8 uren, rustpauzes incluis. Het is nog frisjes als we vertrekken maar gezien Kalaw in een vallei ligt moeten we direct bergop. Kinderen komen ons tegemoet op weg naar school. Na een half uurtje begint de zon te branden en zijn we al eens blij met een beetje schaduw. We bevinden ons op smalle paadjes die door de bergen slingeren. Prachtige vergezichten zijn ons deel. In het dorp van de Padaung worden we direct overvallen door een stel kinderen die van alle handwerk willen verkopen. We komen bij een nieuw gebouwtje die de school blijkt te zijn. We mogen even rondneuzen en wat filmen. Het is opvallend dat de meeste huizen in steen zijn en golfplaten daken hebben. Eens op de velden zien we grote theeplantages en mandarijnenbomen. De thee wordt slechts in het regenseizoen geplukt, en wel dagelijks. 1 Kg brengt 3000 Kyats op ofte 3$. De oorspronkelijke longhouses waar soms 8 gezinnen in woonden, zijn verdwenen en vervangen door afzonderlijke woningen in steen. Dit komt omdat niet ver van het dorp een goudvindplaats ligt. Uiteraard is dit zoals de Lotto winnen hé. We worden op de thee gevraagd en ondertussen krijgen we weer de gelegenheid om handwerken te kopen. We trekken verder en tot onze verbazing komen we op een bergtop een Nepalese rustplaats tegen. Rust kunnen we gebruiken en de platte broden (een soort tortillas) met avocadosalade en thee smaken heerlijk. Na de pauze zien we nog een rariteit: Pompoenen die in een boom groeien !! De terugweg loopt door de bossen en langs kleine meertjes. Terug in Kalaw zijn we bekaf. Na de (koude) douche wegens geen ellentriek staat een ferme laag modder in de kuip. We slagen er ook voor het eerst in een internet verbinding tot stand te brengen en de groeten te doen aan het thuisfront. Mede dankzij een draaiende electragroep want er is nog steeds geen ellentriek.We zijn doodop en gaan eten bij dezelfde resto als gisteren. Terug in het hotel blijkt onze was gewassen. Sorteren en daarna nog het dagboek bijhouden en maffen maar.

 

Dreamhotel Kalaw, kamers van 25 en 30$. Ruim,netjes, vriendelijk.

Dinsdag 9 februari – Kalaw – Pindaya – Inle meer.

 

Na het rijkelijke ontbijt vertrekken we naar de markt. Geen toeristenmarktje of zo, maar gewoon de stammen uit de omgeving die hun producten aan de man-vrouw proberen te brengen. Een kleur – en geurrijk spektakel. Een paar uurtjes later halen we de bagage op en vertrekken richting Pyndaya. Uurtje rijden en we komen aan de grotten die zo maar eventjes meer dan 8000 boedhabeelden herbergen. Indrukwekkend om te zien. Entreeprijs 3$ en 300 Kyats voor de camera. Niet zo heel ver van de grotten leidt Thet ons naar een atelier waar parasollen gemaakt worden. Je kijkt je de ogen uit als je ziet met welke primitieve instrumenten deze mensen zo een ding maken. De parasol bestaat uit papier en bamboe. Ze kunnen er twee per dag vervaardigen. Prijs: 6000 Kyats ofte 6$ per stuk. Een dito waaiertje voor 2000 Kyats. We gaan eten en opnieuw smaakt het voortreffelijk. Daarna rijden we richting Inle meer waar we in de late namiddag toekomen. Onderweg zie je veel opvallende transporten maar de opvallendste was toch deze namiddag toen twee vrachtwagens ons kruisten met achterop … EEN OLIFANT !! Raar maar er dient een inkom betaald te worden van 3$ per vreemdeling die het gebied binnenrijdt. Thet zet ons af in een droom van een hotelletje. Vlug douchen en even de stad verkennen. Voor de tweede dag op rij slagen we erin om op internet te raken en lezen nieuws van het thuisfront. Na het avondmaal onze proza aanvullen en het bed in. Gezien we hier beneden de 1000 meter zitten is het niet meer zo fris tijdens de avond en nacht.

 

Note: Aan de receptie van het hotel in Kalaw staan twee dames en vragen hoe laat de trein naar het Inle-meer vertrekt. Meisje telefoneert en zegt dat de trein ergens tussen 10:00 en 14:00 zou kunnen vertrekken ? Als men dan rekent dat een trein hier vordert met een snelheid van 25 km/u,men in Heho nog een taxi moet nemen, aankomt in het donker en dan nog een overnachtingsplaats moet zoeken, geeft dit aan hoe moeilijk dit land te bereizen is met openbaar vervoer. Wijle heel content met onze gids en chauffeur want zo zien we niet alleen de highlights van een land maar komen we ook op plaatsen waar geen toerist te bespeuren valt. We komen steeds in goede en betaalbare restaurants en dito hotels. Het blijkt dan toch de 6O$/dag meer dan de moeite waard.

Woensdag 10 februari – Boottocht op het Inle meer.

 

We vertrekken te voet naar de rivier. Thet heeft een bootje geregeld die ons voor de hele dag naar het Inle meer moet brengen. We zitten comfortabel maar gezien het vroege uur en de snelheid van de boot is het eerder frisjes. We bezoeken eerst de markt waar we overrompeld worden door agressieve verkoopsters die de boot enteren. We raken toch op de markt, eerst in de buitenlandse afdeling grinnikt Thet. Het is een toffe markt maar zeer druk.

 

Volgende stop is een textielcentrum waar men zijde haalt uit de lotusbloemen. Een procedé die wij nog niet kenden. De meiden geven van sajet op hun weefgetouwen en dit aan 3$/dag. In de aanpalende winkel zijn de prijzen echter aangepast

 

Daarna varen we naar een ijzersmederij. Meer dan bezien waard door de ouderwetse manier en het slaan op een aambeeld met 5 man tegelijk zonder elkaars hamer te raken ! Een sterk staaltje synchronisatie ! Voornamelijk messen en zwaarden in alle maten worden er gemaakt.

 

Het rijtje afgaande komen we bij een sigaren rollerij. Helaas niet onze branche maar het is toch fijn te zien hoe deze meisjes in no time een sigaartje in elkaar flansen. We moeten hierover echter niet meer verbaasd te zijn want alle Aziaten zijn zeer handig en inventief. In hetzelfde huis zijn ook twee kerels bezig om voorwerpen uit bamboe te lakken en daarna te schilderen. Zeer mooie voorwerpen zoals sigarendoosjes, asbakken, sigaretten etui’s maar ook andere decoratieve zaken.

 

De magen beginnen grollen en het is tijd om te gaan lunchen. Een resto op het Inle meer zelf waar heel wat Europeanen zitten. Voor het eerst deze reis zien we wat blanken samen. Na het (opnieuw lekkere) eten varen we naar een pagode. Op de centrale boedhabeelden is zoveel goud gekleefd door de gelovigen dat van beelden geen sprake meer is, maar er gewoon nog een paar vormloze goudklompen te zien zijn. Thet doet ook mee aan het goud kleven. Hier zien we ook voor het eerst bedelaars, meestal kinderen.

 

We varen één van de zijrivieren in, waar op sommige plaatsen het water nauwelijks nog de bodem bedekt. Binnen enkele weken zal hier geen boot meer doorkunnen want we voelen de romp van de boot constant over de zandbodem schuiven. We komen in een dorp waar een mini Angkor (Thaprom tempel) te zien is. Ook zijn honderden stoepa’s te zien waarvan reeds heel veel gerestaureerd zijn. Indrukkend wel. Ook hier blijven de kinderen je achterna lopen om geld te vragen. Eéntje ervan was SUPER-lastig. Terug in de boot en naar … jawel, een pagodetje. Het speciale eraan is dat er een mevrouw aanwezig is met een nest katten. Ze heeft die beesten leren door een ring springen. Van zodra een toerist zijn kop toont is het showtime. We sluiten de dag af met op de terugtocht naar Nyaung Shwe eens de technieken van de plaatselijke vissers gade te slaan. Zeer speciaal door de roeitechniek met één been en de visnetten die de vorm van een korf hebben. Onderweg gooit Thet koekjes in de lucht en in no time hebben we een klad meeuwen boven de boot vliegen. Karin krijgt een presentje van de vogels toegeworpen !! We zien ook de schitterende zonsondergang op het meer. We komen als één van de laatsten toe en Minmin staat met de taxi te wachten op de kade. Nog gaan afrekenen en naar het hotel. We gaan eten in dezelfde resto, maar krijgen niet de bestelde eend (wegens open deuren ??) en worden ook nog eens een hoge (naar Birmeese normen natuurlijk) rekening voorgeschoteld.

 

Hotel Aung Mingalar. Schitterende en zeer ruime kamer voor 25$. We verblijven in een gerestaureerde ruïne. Uiterst vriendelijk, gedienstig personeel en een stevig ontbijt. TOP.

Donderdag 11 februari – The road to Mandalay.

 

We verwachten een slopende dag wegens transfert naar het 400 km verder gelegen Mandalay. Niets is minder waar. Wegens het beperkte verkeer hebben we weinig stof te slikken en kunnen genieten van de tocht door de bergen. De weg ligt er uiteraard even slecht bij. Op de middag lunchen we in de zelfde resto als tijdens de heenreis en eten opnieuw de mutten-curry, ttz geit. Eenmaal op de hoofdweg naar Mandalay valt op hoe mooi de wegen er bij liggen. Naarmate we de stad naderen neemt ook het verkeer toe. Chaotische toestanden met brommers, fietsers, ossenkarren, paarden en natuurlijk de auto’s, vrachtwagens en bussen wrakken die zich door de massa kronkelen. De bestelde hotelkamer is ok maar piepklein. Wat een tegenstelling met de vorige twee nachten !! Thet weet een prima Chinees in de stad en brengt er ons naar toe. Pech want de zaak zit vol. Waarschijnlijk wegens oudejaar want morgen is het Nieuwjaar voor de Chinezen. Thet stelt voor om te reserveren voor morgen en vandaag naast het hotel te gaan eten. Doen we. Na het eten blijven we nog wat praten over de verschillen tussen hier en ons thuisland. Gesprekstof te over dus. Morgen zou Thet ons naar de Chinese wijk brengen om te zien hoe de Chintokken hun Nieuwjaar vieren. We zijn benieuwd.

Vrijdag 12 februari – De dag waarop we de tempel-pagode ziekte kregen.

 

Vandaag geen Chinese Nieuwjaar. Thet heeft zich vergist en het is pas de 14°. Minmin brengt ons naar de haven waar we een boot huren om ons naar Mingun te brengen. De tocht duurt een uurtje en het is nog frisjes. Gelukkig zijn we vroeg, dus voor de massa. Het blijkt inderdaad de grootste hoop bakstenen van Z.O.Azië te zijn. De kolos is 50 meter hoog en had in feite 170 meter moeten hebben. De koning ging echter dood en wegens geen voldoende erfenis hebben zijn nazaten de bouw niet meer verder gezet. Voor de tempel staat ook twee gigantische leeuwen waarvan echter alleen het achterste bewaard is gebleven. Door een aardbeving in 1985 vertoont het gebouw een reuze grote scheur in het midden. Bovenop de tempel heb je een prachtig vergezicht. Niet ver daar vandaan staat een gebouw die de tweede grootste klok ter wereld herbergt. De klok heeft een prachtige gong en weegt eventjes 90 ton !! Op de terugweg wordt os thee, banaan en pinda’s aangeboden. De temperatuur is nu heel aangenaam mede door het briesje. Rond de middag terug aan de haven waar we een kijkje nemen bij de havenarbeiders, nou ja… zeg maar slaven. Boomstronken belanden in het water en de lossers moeten die daar ophalen en dan de helling op dragen. Zakken rijst, kalk, cement etc. van 5O kg dezelfde helling op en op vrachtwagens stapelen. Tonnen suikermelasse die ruim 90 kg. Wegen met z’n tweeën en aan een bamboestok op dezelfde helling. Vrouwen laden een schip met bakstenen. De stenen worden per 10… op hun hoofdgelegd en zo de helling af !! Zij krijgen 30 kyats per 10 stenen. Als ze dus 100 keer deze beweging doen hebben ze 3$ verdiend !! Ze zijn bovendien zwaar gekleed en lopen in een brandende zon.

 

We gaan lunchen in een Shan resto waar je in de potten moet aanduiden wat je wil eten. Smaakt wel heel lekker maar het meeste is nogal spicy. Na eten gaan we een kijkje nemen bij de goudslagers. Ook weer zo’n job om van achterover vallen. Ingepakt in blaadjes van bamboe en repen hertenleer gewikkeld, duurt het in totaal zo’n 3 uur eer het goudblaadje fijn genoeg is. Het wordt dan ingepakt in bamboe blaadjes en het meeste is voor de gelovigen die er Boeddhabeelden mee beplakken. Ook worden in het atelier kunstvoorwerpen versierd met goud. We schaffen ons een gouden bladwijzer aan.

 

Nu naar een teakhouten gebouw die dienst deed als woning voor een koning in de 17° eeuw. Het werd afgebroken en op deze plaats heropgebouwd. Het is niet in een schitterende staat. Opde site staan nu nog enkel een paar nagemaakte gebouwen. Thet zegt dat het de 10$ niet waard is om te bezoeken. Naast het paleis van de koning bezoeken we nog een tempel EN een pagode. Die dingen komen ons intussen de strot uit en we vragen Thet om het culturele aspect een paar dagen te laten rusten. We gaan nog naar Mandalay-berg om de zonsondergang te zien, maar wegens de nevel zijn er geen foto’s te nemen. Deze avond zijn we dan toch bij de Chinees binnengeraakt en bestellen ons een gegrilde eend met wokgroenten, rijst en een frisse pint. Dat da smaakt moeten we niet zeggen zeker ?

 

Hotel Mandalay View Inn. Centraal gelegen hotel. Zeer nette kamers maar ietsje krap. Goed ontbijt. Handdoeken tot twee maal toe per dag ververst. Vriendelijke medewerkers(sters).

Zaterdag 13 februari – De ambachten in Amarapura.

 

Minmin rijdt met ons richting Amarapura waar we de ambachtslui aan het werk kunnen zien. We wandelen voorbij de steenkappers die de boeddha’s uit het marmer houwen. De dames nemen het schuur en polijstwerk voor hun rekening. Dan naar een atelier waar ze…hoe kan het anders, boeddha’s maken. Maar deze hebben we nog niet gezien, want in brons. Eerst wordt een ruwe vorm in klei gemaakt. Daarboven dan het echte beeld in was. Dan wordt op de was nog eens klei gezet. Het beeld gaat dan de oven in voor 4 uur. In die tijd loopt de was uit de aangebrachte gaten. De vorm is dan kaar om te gieten. Het brons wordt gesmolten op houtskoolvuren. Na koeling worden de kleilagen verwijderd en is het ruwe beeld klaar. Dan nog het polijsten. De stukken wegens ontzettend zwaar. Toen ik opperde waarom geen vorklift werd gebruikt ging de chef van het atelier achterover van het lachen. Vond hij een goeie maar durfde het toch niet een de baas zeggen. Bij de houtsnijders kochten we een stuk waar één week werk aan is. Pas op, de werkweken en werktijden duren hier een stuk langer !! We zien borduurwerksters aan het werk en in hetzelfde huis poppenmakers. Kaats koopt een monnik (marionet hé !). Na de middag gaan we naar de U Bain brug. Deze 1200 meter lange brug bestaat uit teak en is daarmede de langste in zijn soort. Het is er een schitterende omgeving en we hangen er rond tot de prachtige zonsondergang. We denken de dag met een leuke dinner af te sluiten maar deze keer smaakt het ons niet. Pech hé ?

Zondag 14 februari - Watervallen in de omgeving van Pyi oo Lwin

 

Mandalay ligt achter ons en we rijden naar Pyi oo lwin. Probeer da maar eens uit te spreken ! We komen opnieuw op 1100 meter hoogte en de temperatuur voelt veel verdragelijker aan. De eerste stop is aan een waterval. Hiervoor moeten we volledig het ravijn in en er natuurlijk terug uit. Kaats ziet deze gymnastiek niet zitten en leest de “Flair”. Een kleine twee uur later zijn we terug. Er “wandelden” drie dames mee die Thet en mezelf koelte toezwaaiden met hun hoeden. Ze hadden ook koele drankjes mee. De waterval was zeker de moeite waard. De mensen die in de ravijn leefden maakten met het water elektriciteit. Vernuftig systeempje. Het is een beetje voor we het hotel hebben, maar voor 20$ hebben een nette en ruime kamer. Na de middag nog een watervalletje die pick-nick plaats van de locals blijkt te zijn. Gezien zondag en Chinese Nieuwjaar een massa volk natuurlijk. We zien ook smokkelaars een onogelijk weggetje komen oprijden. Hun motoren zijn volgeladen met onderdelen voor brommers en komen uit China. Het zien er ruige type’s uit. Tot slot van de dag bezoeken we de botanische tuin, die een oppervlakte heeft van 98 ha. Iets te groot dus om volledig te kunnen bezoeken. Op het meer zien we tientallen zwarte zwanen paraderen. Ook de orchideën tuin is zeker de moeite waard. Minmin hebben we naar het hotel gestuurd en komen met paard en koets terug. Het einde van een weeral mooie dag.

Maandag 15 februari – Van de trein die nooit kwam

 

Vandaag wilden we graag een treinreis maken. Minmin zou ons naar het station brengen om de trein van 8:50u naar Kyaukse te nemen. Ik maak een grapje met Thet en zeg hem dat treinen in Azië NOOIT op tijd zijn. In het station krijgen we de mededeling dat de trein van 8:50u pas om 11:30u zal aankomen. Wijle plat van het lachen. Thet stelt voor om met de auto naar Kyaukse te rijden en daar de trein te nemen die richting Mandalay spoort. Wij ok want het gaat er hem om om met de trein de beruchte Goteik pas over te steken. Volgens onze info waanzinnig mooi. Wanneer we met de auto door de pas rijden zien we inderdaad een prachtig landschap. Vrachtwagens met hun over overgewicht kruipen tergend langzaam de hellingen op. Bij het dalen dient de bijrijder constant water over de wielen te gieten om de remmen te koelen. Eens de pas voorbij stoppen we aan een klein stationnetje.. Thet komt aan de weet dat de trein naar Mandalay tsjokvol zit en we niet meekunnen. Er zou ergens een feest van de Hindoes zijn geweest tijdens het weekend en die komen nu massaal terug naar huis. Ook in Kyaukse krijgen we hetzelfde verhaal te horen. We gaan dan maar terug met de auto. Op de terugweg doen we een marktje aan waar ik me een nieuwe horloge koop en een Longyi. Dit is het traditionele kleed van de Birmezen.Aan de Goteik pas hebben we geluk en zien de trein zéér traag over de 300 meter hoge brug (bouwjaar 1900) rijden. Hadden graag een treinreisje meegepikt maar het mocht niet zijn. Terug in Pyin oo Lwin lopen we eens door het stadje en kunnen we zelf op internet. Vlug groetjes naar huis en terug naar het hotel.

Dinsdag 16 februari – Transfert naar Bagan

 

Via Mandalay rijden we over een binnenweg naar Bagan. Volgens Thet is dit het mooiste wat Myanmar te bieden heeft, helaas zijn daar ook de meeste toeristen. Deze keer is de transfert zeker boeiend. We rijden door een dorre maar mooie streek. Even wegdromen en je zou je in de Afrikaanse Savanne wanen. Enkel zijn hier geen leeuwen, olifanten of giraffen te bespeuren. Wat we wel zien zijn de armoedige dorpjes waar de mensen een hard bestaan hebben. Bij een familie zien we hoe het sap van de suikerpalm wordt gekookt om daarna te laten gisten tot palmwijn. De naam is bedrieglijk want het heeft niets te maken met wijn. Het is integendeel een super sterke drank. Om het vocht van de palmboom in stenen potten te laten lopen dienen de mannen tot in de top van de boom te klimmen. Ze hebben daarvoor zelf geïmproviseerde ladders. Bij de rivierbeddingen worden grote gaten gemaakt van anderhalve meter diep. Daar is water om de dieren te laten drinken. Thet vraagt of we Mounth Popa willen bezoeken, dan kunnen we eerst naar daar voor we naar Bagan rijden. Popa is de berg van de “Nats”, zeg maar de geesten en wordt ook de bloemenberg genoemd. Veel bloemen zien we niet wegens het droge seizoen maar na heel wat trappen en zigzaggen tussen apentroep hebben we een fijn uitzicht op de omgeving. Tegen valavond komen we aan in Bagan. Thet meldt een probleem. Hij heeft het hotel geboekt via een reisbureau tegen 38$/nacht. We zien een pracht van een hotel met zwembad. De kamer is echter superior en kost 2$/nacht méér. Wij zien dus geen probleem. Het is ten andere de mooiste kamer/hotel van de hele reis. We gaan nog eten in een heel prachtig restaurant en duiken daarna de koffer is.

Woensdag 17 februari – Bagan het gouden land.

 

Na een prima ontbijtbuffet rijden we naar Naung U naar de gouden Pagode. Onderweg zien we niets anders dan Pagodes. De Shwe Zigon Zedi “de gouden” is samen met deze in Yangon het mooiste. Na heel wat foto’s gaan we naar de lokale markt waar het wel even slikken is bij de vlees- en visafdeling. Terug gaan pagoderen en we zien inderdaad een land die bezaaid is met pagodes zover het oog reikt. Camera en DVDrecorder moeten overwerken. Het is jammer dat de talrijke prachtige gebouwen ontsierd worden door de kramen van souvenir verkopers(sters) die ten andere lastig en opdringerig zijn. Na het middageten gaan we terug naar het hotel want ondertussen is het niet meer te harden van de hitte. We zoeken een schaduwplekje aan het zwembad waar Kaats boekje leest en ik de proza dezer bijwerk. Afspraak tegen 17:00u om te gaan onderzonnen. Helaas hebben we zware bewolking en kunnen we geen zonsondergang meemaken. We hebben echter wel een Wifi internet huis gevonden waar Thet ons afzet en we om 20:00u afspreken om te eten. Ik kan mijn eigen PC gebruiken en kan alle tekst op de site veranderen. Het plaatsen van de foto’s verloopt eerst probleemloos maar gaandeweg gaat het zo snel als een Birmese trein, niet meer dus. Enfin het thuisfront heeft weer leesvoer.

Donderdag 18 februari – Tempelitis.

 

We vertrekken voor onze tweede tempeldag maar krijgen al gauw tempelitis. Ttz. genoeg van al deze hopen bakstenen, hoe mooi ze ook mogen zijn. We komen in een dorpje Min Nan Thu waar we kunnen kijken hoe de ossenwagens word en gebouwd. Deze mensen werken momenteel aan de ijzeren ringen die rond de wielen gaan. Eén ring dient hersteld te worden in het “smidsevuur”. Daarna worden de ringen in een put omgeven met hout en in brand gestoken. De ringen zijn 1 inch kleiner dan het houten wiel. Door in het vuur te leggen zetten de ringen uit. Met ijzeren tangen wordt een ring uit het vuur gehaald en over het wiel gelegd. Onmiddellijk water erop gieten zodat de ring krimpt en zeer vast rond het wiel wordt gespannen. Nog wat aankloppen en klaar is kees. Een meisje leidt ons verder het dorp in. Zo zien we nog een ossen carrousel met in de midden een balk die pinda’s plet. De olie die daaruit komt dient voor de keuken. De rest is veevoeder. Eén maalbeurt duurt 45’. Dan is het de beurt aan een andere familie en een andere os. In een volgende hut zien we weven en sigaren maken. Kaats moet pijpen (aan de sigaar). Ook nog rijst pellen en zeven, en meisje die uit bamboe fotokaders maakt. De kinderen van het dorp volgen ons met hun trofeeën, stylo’s snoep, zeep en knuffels. Tevergeefs blijven ze ook geld vragen. We gaan enen drinken in het dorpscafé waar Minmin wacht. Het meisje die ons rond leidde krijgt een fooi en is door het dolle heen. We gaan lunchen en terug naar het hotel. We maken onze keuze voor het menu deze avond en installeren ons aan het zwembad. Het is bloedheet !!

 

Thet komt ons ophalen om de zonsondergang mee te maken. Hij kan het echter niet laten om eerst nog een tempeltje “mee te nemen”!! Aangekomen aan de zonnetempel blijken reeds meerdere gasten aanwezig om onder te zonnen. Hebben prachtige beelden kunnen maken.

Vrijdag 19 februari – de dag dat Rudi ging koken.

 

Eerst gaan we naar de markt. Deze middag mogen we gebruik maken van de keuken in het hotel en ik heb Thet en Minmin beloofd om frieten te maken. We kopen vlees, aardappelen (helaas kleine), uien, tomaten, olie, limoen etc. Alles terug naar het hotel om in de frigo te zetten. Traditie getrouw gaan we daarna nog eens tempelen. De Ananda Phaya blijkt een indrukwekkend gebouw te zijn uit de 11° eeuw maar kan ons nauwelijks nog bekoren door de verregaande staat van tempelitis. We maken ons uit de voeten en bezoeken een Lakkerij. We bewonderen de kunstzinnigheid van deze mensen die een engelengeduld hebben om deze mooie stukken te maken. De eigenaar leidt ons rond en geeft een gedetailleerde uitleg. Er worden zelfs kommetjes gemaakt van paardenhaar !! Op de terugweg zegt Thet voorzichtig dat zij geen rundsvlees eten. Wij dus terug naar de markt om wat mutton te kopen. We nemen ook nog wat aardappelen mee “grote” voor de friet en inlandse kruiden. Ik voel me al helemaal Gene Bervoets in Gentse Waterzooi ! In de hotelkeuken groeit de belangstelling van het personeel die waarschijnlijk nog niet meemaakten dat een vreemde met de pollepel zwaaide. De belangstelling slaat om in hulp en in no time is ieder aan het schillen hakken en snijden. De manager van het hotel heeft een plaats voor hem aan tafel bijgedekt. Tijdens het eten krijg ik een job als kok aangeboden maar bedank met het excuus dat ik veel te duur ben. We eten smakelijk en daar na gaan we terug liggen aan het zwembad. Met Thet spreken we af om 19:00u. want we gaan eten waar traditionele Birmese muziek en dans ten best wordt gegeven. Ter plaatse zien we een grote tuin waar reeds een talrijk publiek aanwezig is. Het eten is lekker en de muziek en dans een beetje vreemd. Toch een mooi spectakel.

 

Hotel Tanzin in Bagan. Door toedoen van Thet krijgen we een kamer van 65$ voor 40$ wat uiteraard meegenomen is. Prachtig hotel, dito keuken, ontbijt en zwembad. Vriendelijke staff. Zeker méér dan zijn geld waard. Het was ook leuk eens aan een zwembad te kunnen verpozen bij dergelijke temperaturen.

Zaterdag 20 februari – Transfert naar Taungoo.

 

We hebben voorgesteld om vroeg te vertrekken. Zo kunnen we een groot deel van de kilometers afmalen in betrekkelijke koelte. De eerste 200 zijn over slechte wegen en we eten weer een pak stof. Iets voorbij Meiktila slaan we af richting Nyapidaw, de nieuwe hoofdstad van Myanmar. De weg er naar toe is een dubbele betonnen viervaks. LUXE !! De stad zelf rijden we niet in maar we merken wel dat het een spookstad is. Bijna geen huizen zijn bewoond. Thet verteld dat alle ambtenaren van Yangon naar hier moesten verhuizen om er te werken. Hun families konden echter niet meekomen. Daar een rit naar Yangon duur is in vergelijking met hun wedde, gaan de meesten maar één keer per maand naar huis. Van uit de nieuwe hoofd(spook)stad loopt een autostrade tot Yangon die vreemd genoeg niemand gebruikt. Buiten enkele vrachtwagens (wegenwerken) die dan nog spookrijden, zien we meer voetgangers, (spook)fietsers en buffels die de middenberm afgrazen dan auto’s. Eén keer een dikke voiture onder escorte van de politie. Regeringsleiders (militairen) zijn bang om zich zonder escorte op straat te begeven, zeker in de Mon, Shan en Karen gebieden. Tegen vier komen we aan in Mother’s house waar we ook tijdens de heenreis sliepen. We zijn gekookt want de hitte is intens. Meer dan een internet poging en wat eten zit er niet meer in.

Zondag 21 februari – Van de lege autostrade

 

We rijden terug richting autosnelweg want Thet liet ons de keuze. Via deze baan die nog maar enkele maanden in gebruik is zijn we sneller in Yangon en met minder risico’s. Op onze vraag legt Thet uit waarom niemand de autosnelweg gebruikt. Bij defect sta je echt in een woestijn. Geen “Touring” geen tankstations, geen auto’s, NIETS !!!! En laat zo’n buffel maar eens de auto verder trekken !! Iets na de middag zijn we weer in hotel Yuzana, waar de reis begon. Nu komt pas het besef dat het bijna voorbij is, die mooie zomer. We hebben onderweg in Yangon een park gezien en onze gastheren zetten ons daar af. Mooi maar… 300 Ks ingang, 500 KS voor camera en 500 Ks voor de DVD recorder. Rond het park ligt een brug en om op de brug te wandelen nog eens 4000 Ks. Das ons te gek en we gaan terug richting hotel. Voetpaden zijn echte valkuilen en zeker niet bij nacht te gebruiken. We gaan een pint pakken en wat intertetteren.

 

Tegen 18:3Ou komt Minmin ons ophalen aan het hotel. We hebben Thet en Minmin met hun dames uitgenodigd om samen te gaan dineren in een restaurant van hun keuze. Het wordt een Thai restaurant aan het meer. Het eten is er super lekker en ondanks we met de dames niet veel kunnen tetteren is het toch een gezellige bedoening. We krijgen zelfs een geschenk !! Het einde van een mooie avond en een prachtige toer.

 

Hotel Yuzana (zie 1 feb.)

Maandag 22 februari – Tranfert naar NgweSaung, de Birmese kust.

 

We hadden bij aankomst in Birma via Thet een hotelletje geboekt aan zee om de laatste week in alle stilte, peis en vree te kunnen doorbrengen. De rit door de Aeyerewaddy delta blijkt mooi. Veel water en dus ook veel groen. Op de middag nog eens lunchen in een Birmees “restaurant”. Menukaart bestaat niet, dus worden alle registers (lees potten) opengetrokken om ons een keuze te laten maken. Afgaan op het gevoel is hier de beste oplossing (denken we). We eten smakelijk! Iets na de middag komen we aan in een boeregat waar ze een aantal sjieke resorts hebben neer gepoot. In één ervan, Bay of Bengal resort hebben we onze stek. Blijkt een bungalow met een schoon maar te warm terraske. We verhuizen naar het immense zwembad om een uurtje te luieren en gaan daarna het dorpje in. We staan in bewondering bij een “shop” waar ze allerlei prachtige dingen hebben. Komen morgen terug. Na een apero komen we in een restaurantje waar het niet alleen lekker is, maar ook enkele gasten live gitaar spelen en zingen. GEZELLIG !!! Als afsluiter laten we ons naar “huis” voeren met een zijspanfiets. Mijne coureur heet COCO en we maken een afspraak om ons morgen opnieuw naar de Gulf of Bengal te laten voeren.

Dinsdag 23 februari – Zon, strand,water en rust.

 

Het legt weer aan om een hete dag te worden. Ontbijt net niet op strand, prima verzorgd en lekker. Wandeling langs het strand van zo’n twee uren. Daardoor zijn we stukken voorbij het dorpje. We keren terug en ondervinden dat het zand te heet is om op te lopen. Terug naar het water dus. Tegen de middag in het hotel een sandwich gegeten want Kaats is rijst en noedels kotsbeu. Nooit gedacht !! We installeren ons aan het zwembad en genieten van de warme zon op onze lijven alsook van een zachte bries die de temperatuur dragelijk maakt. Tegen valavond gaan we terug naar de shop met de parasols. We kopen een meeneem model, en een tuinmodel van ca. 2.80m. die we laten opsturen. Kaats koopt nog een bamboe sjakos en ik een ossenkar, alle… een schaalmodel hé ! We gaan opnieuw dineren in de Blue Night en genieten van hun muziek en zang. De Coco en zijne vriend staan op post om ons terug te brengen naar de Bay of Bengal. Nog een beetje pennenwerk en de koffer in want we zijn MOE !!!!

Woensdag 24 februari – opnieuw zon, strand, water en RUST.

 

Opnieuw beginnen we de dag met een strandwandeling. Kaats ontdekt een paar “rare” schelpen en al gauw lopen we langs de waterlijn van de Bengaalse baai als twee kinderen schelpen te zoeken. Het is weer heet en de bries is opvallend minder dan gisteren. Kaats krijgt voetpijn en tegen de middag zijn we terug in het hotel. Na de middag zalige rust aan het zwembad. Later krijgen we wat wolkjes maar de temperatuur blijft makkelijk de 35°C halen. Met de huurfiets naar het dorp waar de parasolboer ons laat weten dat de bestelling morgen niet zal kaar zijn en alles in één pakket naar België zal komen. Kaats koopt nog en prachtig parelsnoer en ikke twee GSM tasjes. We hebben een heerlijk diner in de Bleu Night maar Coco laat ons in de steek en we kunnen te voet naar het logiest.

Donderdag 25 februari – De laatste strangedag.

 

Inderdaad, en deze begint bewolkt. Tijdens het ontbijt komen we te weten dat er deze middag buffet is. Warm en koud + dessert voor de prijs van 7$. We boeken uiteraard. Wegens geen zon besluiten naar het dorp te wandelen maar zodra buiten komt de zon er door en plaseren we ons aan de zwemkomme. Het buffet is prachtig en we eten weer TE VEEL !! We houden de platte rust vol tot de avond en na het diner in de Blue Light waar we uitgebreid afscheid nemen van de eigenaars brengt Coco ons terug thuis.

 

Resort Bay of Bengal. Eén absolute aanrader. Ngwe Saung ligt echter op 6 a 7 uur bussen van Yangon en er is geen luchthaven. Buiten de bus dus enkel met een taxi te bereiken. Zal waarschijnlijk nooit een grote publiekstrekker worden

Vrijdag 26 februari – Nogmaals naar Yangon.

 

Voor de derde keer gaan we naar de voormalige hoofdstad Yangon maar deze keer met de bus. Bij ons is vol, VOL, maar niet hier !! Nadat alle voorziene Seats bezet zijn krijgen de opkomende mensen zo’n kinderstoeltje en plaatsen zich in de middengang. Al gauw kun je geen hond een klop meer geven. Gelukkig stappen velen uit na enige tijd en is de rit naar Rangoon te doen. O ja,…… voor het eerst we in Z.O.Azië reizen vertrekt een bus OP TIJD en komt nagenoeg op tijd aan !!Thet en Minmin wachten ons op zoals beloofd en brengen ons voor de derde keer naar Yuzana hotel. We krijgen een warm welkom en lopen de stad in waar we ons graag met een manicure en pedicure laten verwennen. We gaan dra eten in de Bangkok Kitchen wegens deze middag gaan lunch gehad. Kaats krijgt een loeier van een kreeft en moet alle tanden bijzetten. Ik hou het op kip en daarna een ijsje. Vlug terug naar het hotel want morgen is het weer vroeg dag.

Zaterdag 27 februari – Vertrek uit Yangon.

 

Vroeg uit de veren. Het hotelpersoneel is stand by om de bagage naar beneden te brengen en ons een ontbijt mee te geven. We laten de laatste Kyats rollen. Thet en Minmin brengen ons naar de airport en ten afscheid schrijft Thet nog eens de namen van zijn familieleden op want we slagen er niet in deze te onthouden. Aan Minmin geven we onze laatste Kyats en zeggen hem het geld niet door het venster te smijten (tolhuisjes).Het afscheid is hartelijk maar nooit plezant. In geen tijd zijn we door de controles. We zitten niet bijeen op het vliegtuig maar de vlucht duurt amper een uurtje, dus…

 

Op de luchthaven gaan we een hapje eten en kunnen bij Tastecafé gratis internetten. We makan dus gretig gebruik om de site aan te passen en het thuisfront te laten weten dat we terug in de moderne wereld zijn. We nemen een public taxi op level 1 en kunnen voor 400 badders + 70 badders voor de autostradetaks naar het hotel. Inchecken, biertje drinken en naar de kleermaker. Vestje passen, broek aanmeten, hemden laten aanmeten want we hebben gewicht over (10 kilo) en die gaan we dus niet onbenut laten hé ??? We keren terug naar het hotel. We laten ons een massageke geven (zeer gemist in Birma) en we eten BIEFSTUK MET FRIETEN !!!! Kaats gaat daarna winkelen aan Siam en ikke naar de Thaiboxing. Spetterend vertoon en de main event eindigde met een ferme KO. Tukje naar het hotel, slaapmutsje en doke doen.

Zondag 28 februari - Marktdag.

 

We gaan opnieuw naar de markt Chatuchak. Het is verschrikkelijk heet en het zweet loopt in beken van ons lijf. Dikwijls schuilen dus. Voor 400 badders/stuk vind ik een paar jeans Levi's 501.We gaan terug naar het hotel want ik moet gaan passen bij de kleermaker. Daarna bij Kaats aan het zwembad om de site een laatste beurt te geven voor we naar huis gaan.

 

We besluiten om ook nog eens rond te lopen op de Suanlum avondmarkt nabij het Lumpinipark. Kaats is er direct zot van want het is in feite geen echte markt meer, maar een aaneenschakeling van boetiekjes. Je ziet er ook de trendy people van Bangkok rondlopen. Horlogekes kopen bij de vleet. We eten in de Beer and food garden maar owee, het is Boeddha dag en daardoor geen bier te krijgen in de beer garden !!! Moe geslenterd gaan we met de metro terug naar het hotel. Groot is onze verbazing als blijkt dat alle bars op Nana-plaza gesloten zijn vanwege de Boeddha dag. De meiden maken dus zware verliezen !!

Maandag 1 maart laatste dag Bangkok

 

Na een heerlijk ontbijt met de skytrain naar Chitlom en de Zen Shopping. Kaats vindt een paar Skech ers (shape-ups) aan interessante prijs en ikke een stel Levi's hemden. Als we alles willen meenemen en geen overgewicht willen betalen zullen we stilaan een einde moeten maken aan de koopwoede. Terug in het hotel de pakken maken en blijkt dat we slechts 700 grammen over de 40 kilo's zitten. We luieren wat aan het zwembad, gaan de kleren ophalen bij Barons op Sukumvit road en laten ons reeds tegen 19:00u naar de luchthaven voeren waar we nog een hapje eten. Bij de paspoort controle moeten we een dik uur aanschuiven wegens een drukte van jewelste.

 

Hotel Nana, zie 30 januari

Dinsdag 2 maart

 

De vlucht vertrekt met bijna een uur vertraging wegens bagage problemen. De captain beloofd om de vertraging in te halen. Het is onze eerste vlucht met Britisch Airways en we ondervinden een prima vlucht en dito bediening. De piloot is van zijn woord en keurig op tijd in Londen. De transfert tussen de terminals verloopt opnieuw zeer vlot (30') en we hebben tijd zat om een rond te neuzen in de nieuwe terminal 5. Netjes hoor. Tegen 10:30u vlucht naar Brussel en aansluitend trein naar Oostende waar we in de vroege namiddag stik kapot toekomen.

Nabeschouwing

 

Na het lezen van diverse reisverhalen en of het nu goed of net niet goed is om Birma te bezoeken hebben we zeker geen spijt het land te hebben bezocht. De contra’s hebben in die zin gelijk dat je de militaire machtshebbers steunt. In Bagan betaal je 10$, in Inle 3$, 10$ om de luchthaven te verlaten en dan links en rechts nog wat kleinere bedragen voor in totaal 35$. In aanmerking nemende dat de Franse regering dagelijks voor miljoenen euro’s aan olie en gas koopt aan de militaire dictators, dan menen we dat het handjevol dollars die we hier achterlieten niet of nauwelijks meetellen. Vooral als je oplet waar je overnacht en gaat eten, dan is de steun die je geeft aan de bevolking veel groter. In de omliggende landen wordt afgeboden en onderhandeld over prijzen tot je het zelf niet meer weet. Hier hebben we dat bewust niet gedaan, ook al vanwege de ontzettend lage prijzen, en de mensen een Ksjat méér gegund. Een doorsnee arbeider verdient hier 75$ per maand (26 werkdagen), je helpt die mensen echt met een extraatje !!

 

Het is niet meteen het land die je als eerste reisbestemming moet uitkiezen in Z.O.Azië. Thailand, Laos, Vietnam en Cambodia zijn zeer makkelijk te bereizen met het openbaar vervoer, iets wat hier minder het geval is (zie de treinreis die we wilden maken). Langs de wegen zie je even veel chauffeurs onder hun vehikkel liggen (wegens defect) dan ze ermee rijden. Treinen en bussen rijden nauwelijks op tijd en je weet amper op voorhand als je mee zal kunnen. Het voordeel van een gids en chauffeur is dat je geen tijd verliest en meer kan zien tijdens je verblijf in het land. Je bent beter op de hoogte van bepaalde zaken en je kunt heel wat vragen stellen en…antwoorden krijgen. Nadeel is dat je ietwat afhankelijk bent. Thet wilde ons nogal wat tempels laten zien en wij vonden het dan weer een beetje onbeleefd te weigeren. Je bent ook gedurende al de tijd samen uitgezonderd de avonden. Met onze gids en chauffeur viel het reuze mee omdat ze ons goed aanvoelden.

 

Het eten is lekker maar vreemd. Thet nam ons overwegend mee bij Chinese resto’s. In de Birmaanse resto’s is geen menukaart en wordt het dus potten kijken en proeven. De Birmezen koken slechts één keer, nl. ’s morgens. Lunch en diner zijn dus koud, uitgezonderd de rijst die warm is. Het is matig pikant. Zeker te proberen zijn de curry’s en speciaal de mutton curry. Kaats is fan van noedels en rijst maar heeft er deze reis genoeg van. Overal wordt thee en water gedronken maar cola, Sprite, limonade en Myanmar bier zijn overal vlot te verkrijgen. Prijs van een gerecht is 4 tot 5 $. Frisdrankje 1 tot 2$ en een Myanmar biertje (67 cl) kost 2$.

 

De hotels, althans deze waar wij logeerden vielen best mee, maar dit heeft misschien te maken met onze reisgids Thet die alles regelde. De prijs was gemiddeld 25$/nacht. Enkel in Bagan (40$ voor een kamer van normaal 65$) en onze strandvakantie in Nwge Saung (88$) vielen buiten deze prijscategorie maar dit hoeft uiteraard niet. Het is ook logisch dat deze twee hotels de hoogste score behalen. Je weet van voordien dat er niet overal gedurende 24u. elektriciteit is maar pas ter plaatse voel je de ongemakken. De frigo werkt niet, je hebt geen warm water of sta je plots te douchen in een donkere badkamer ! Enfin, een lamp dien je steeds bij de hand te hebben. De mensen die in de hotels werken zijn uiterst beleefd en gedienstig. Soms zo overdreven dat je je er een beetje ongemakkelijk bij voelt, maar steeds met de beste bedoeling .

 

Politiek !! Dit aspect hebben we bewust niet aangekaart. Toch komen sommigen spontaan vertellen over de heersende situatie. Je beseft al snel dat de militaire leiders een stelletje uitzuigers zijn die zich van de noden van de bevolking geen barst aantrekken. Het zit de mensen hier hoog maar niemand die ook maar enige verandering in het vooruitzicht heeft. De leiders worden volop gesteund door China en Rusland en waarmee zij ook een drukke handelsrelatie hebben. Als toerist moet je ook om de haverklap aan militaire posten uw paspoort presenteren. Je naam beland dan in een groot boek, maar wat ze ermee uitvreten is ons een raadsel.

 

Globaal mogen wij stellen een prachtvakantie te hebben gehad. We zijn blij er “het leven zoals het is” te hebben kunnen meemaken en in geringe mate ons steentje konden bijdragen om de locals een extraatje te bezorgen. Het valt des te meer op dat we nog nooit zoveel souvenirs kochten !! Dus beste globetrotters, als jullie nog twijfels hebben om dit prachtige land te bezoeken, gooi deze dan maar snel overboord en boek je volgende vliegticket naar Yangon.

 

Vriendelijke groeten van Kaats en Rudi

 

The Asianlovers

 

De gids: thetzaw2007@gmail.com

Copyright © All Rights Reserved